Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Omdat light verse lééft



Geen zuchtje wind, de zee is spiegelglad
in ‘t Oosten krijgt de kim een gouden gloed
het doodtij hunkert al weer naar de vloed
de maan heeft het op één haar na gehad.

Wat grutto’s zitten spetterend in ‘t bad
zeehondenmoeders passen op hun jongen
een bruinvis maakt wat dolle dwaze sprongen
de kiekendief is ook al vroeg op pad.

Wat kluten foerageren op een plaat
een zeemeeuw doet zich aan een krab tegoed
een schollevaar die zich met paling voedt
en op het eiland klinkt wat schaapgeblaat.

Zonsopkomst op het Wad, in zacht pastel
maar ja, zo’n boorplatform ontsiert toch wel.

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

April, een ballade

Je zonlicht splijt het wolkendek in twee
Je wilt je warmte overal verspreiden
Je kleurt de wereld groen voor boer en vee
die heel de lange winter jou verbeidden
Hoe zeer je ook een ieder kunt verblijden
ik weet, er is verandering op til
Dan breng je kou en hagelwitte weiden
Je bent April
 
Soms ben je vriend’lijk als de zomerzee
waarop het zonlicht danst en bootjes glijden
Maar plotseling heerst noodweer op de ree
met winden die door zeil en ziel heen snijden
Een scheepsramp lijkt al niet meer te vermijden
maar dan opeens is alles ijzig stil
Ik zie je waardig op de kade schrijden
Je bent April
 
Soms voer je mij heel zachtjes met je mee
Jouw lichaam en jouw levenslust verleiden
Ik ben verbaasd, verbijsterd en gedwee
Ik laat me van mijn laatste schroom bevrijden
Toch ben ik heus niet altijd te benijden
Je hoongelach versmoort je liefdesgil
Ik weet dat wij heldhaftig zullen strijden
Je bent April
 
Prinses van goede en van slechte tijden
Je bent mijn wispeltuur en levensspil
Ik ken je witte en je zwarte zijden
Je bent April

Koop koop koop