Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Met Forum, Vorm én Vent



De Dagpauwoog net uit de pop gekropen
Keek met verbazing naar de warme zon
En vouwde toen voor ’t eerst zijn vleugels open
En merkte dat hij ook al vliegen kon

Hij dwarrelde langs bomen en langs bloemen
En rustte even op een Ribesstruik
En dacht: ~Wat is dat wat ik hierzo ruik~
Al leek het goed, hij kon het niet benoemen

Maar hij had trek, dus ging hij even proeven
En hoe dat moest, dat zag ie van een bij
En dacht: ~dat is een koude kunst voor mij
Ik kan mijn tong heel ver mijn mond uitschroeven~

En toen hij van de nectar zat te likken
Kwam er een specht hem voor de lunch oppikken

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Kraai & Roek



Bederf & rot zijn langzaam aan ’t ontwaken
en door de schoorsteen klinkt de holle roep
van najaarswind terwijl de erwtensoep
flink ingedikt op stoom begint te raken.

Een oude held gaat bij gebrek aan draken
de strijd aan met het herfstblad op zijn stoep,
een dichter zit te midden van die troep
een muf product van najaarsleed te maken.

Hij zou wel over lente willen zingen
maar woorden raken halverwege zoek
of zijn niet uit zijn strottenhoofd te wringen,

gevangen tussen jammerklacht & vloek
noteert hij de teloorgang van de dingen
in teksten voor het duo Kraai & Roek.

Koop koop koop