Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Omdat light verse lééft



De Dagpauwoog net uit de pop gekropen
Keek met verbazing naar de warme zon
En vouwde toen voor ’t eerst zijn vleugels open
En merkte dat hij ook al vliegen kon

Hij dwarrelde langs bomen en langs bloemen
En rustte even op een Ribesstruik
En dacht: ~Wat is dat wat ik hierzo ruik~
Al leek het goed, hij kon het niet benoemen

Maar hij had trek, dus ging hij even proeven
En hoe dat moest, dat zag ie van een bij
En dacht: ~dat is een koude kunst voor mij
Ik kan mijn tong heel ver mijn mond uitschroeven~

En toen hij van de nectar zat te likken
Kwam er een specht hem voor de lunch oppikken

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Luizebaan

‘Dit is zeer netelig!’
Willem de Stadhouder
Poederde zorgzaam
Zijn werkweekse pruik

Zondags dan droeg hij een
Extravagantere
Die is bij Beatrix
Nóg In gebruik

Koop koop koop