Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Met Forum, Vorm én Vent

'K ben Sinterklaas niet, en zit zonder geld.
In deez' verdoemde crisis, eerst mijn baan,
Toen liep de vrouw des huizes hier vandaan,
En ben 'k ook nog door een burn-out geveld.

Zo snel, de gang van een voorname haan,
Een speler in 't maatschap'lijk schoffelveld
Tot hulplooz', zelfgekweld' pantoffelheld.
Ziehier de ondergang; ik was Brahmaan.

En steeds vereerde 'k Haar, de Poëzie,
De harmonie van alle Schone Gunsten:

In plaats van liefde, b'dreef ik prosodie,
En op 't kantoor, orakeld'ik de Kunsten.

En nu! Tant pis! Zie ik het Brandend Licht:
Begin in Al's naam nooit aan Het Gedicht.

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Daar was e wuf die spon

 

 
Daar was e wuf die spon,
Daar was e wuf die spon,
Al op een houten spinnewiel,
Daar zat geen torteltje aan
Vive la peperbusse, vive la spa,
Tra – la – la – la,
Gize – gaze – goeze
Ron – flon – floe – ze,
Tra – de – ra – de – ra

Haar mutse stoeg verdraaid,

Haar mutse stoeg verdraaid
Gelijk een Hollands molentje
Die met al windeke draait
Vive la peperbusse …

Dat wuf had e – nen zin

Dat wuf had e – nen zin
Als zij ’s morgens buiten kroop
’s Avonds kroop zij in
Vive la peperbusse …

Dat wuf had e – nen man

Dat wuf had e – nen man
Des zondags heet hij Pieter
Des maandags heet hij Jan
Vive la peperbusse …

Daar was e wuf die spon. Kinderliedje opnieuw berijmd

Er was er eens een dame die een spinnenwiel bezat
Ze vond het heel niet erg dat het geen torteltje meer had
Ze droeg altijd een hoedje en dat draaide op de wind
Het leek haast wel zo’n molentje dat je in Holland vindt

Ze was een vrolijk typetje en altijd blij van zin
En stapte opgewekt uit bed en ging er zo weer in
Ze had een bijdehante man die kwam haar goed van pas
Des zondags heet hij Arie en op maandag heet hij Bas
 
 

Koop koop koop