Zal ik u meten aan een dodenmasker?
Niet mijn idee, maar van de wetenschap.
Ze kleien graag met rottend alabaster,
Die lui zijn dol op een genadeklap.

Het is dan ook beslist geen fraai gezicht,
U bent toch hoop ik niet op wie u lijkt.
Ik zie u liever als in dat gedicht
Waarin u ijdel in de spiegel kijkt.

Sonnetje achttien. Dat bent u, niet waar?
U had gelijk, het wordt nog steeds gelezen.
Men roept maar wat, dat u met allegaar -
Behalve Anne dan - heeft liggen kezen.

Uw beeltenis is nu voorgoed verkloot,
Ik zag u liever in de Playgirl, bloot.

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Sinus & Co

Sinus
Flickr.com
 
Twee grinnikende en gespierde knapen,
Die zij aan zij de toegangspoort blokkeerden
Der wetenschap; mijn leraren beweerden
Gewoonlijk dat ik altijd zat te slapen.
 
Wat wisten zij van die twee valse apen,
Die onvermoeid mijn hersenen frustreerden;
Mijn proefwerken krachtdadig molesteerden?
Ze leken door de duivel zelf geschapen.
 
Als Cosinus en Sinus niet bestonden,
Dan was ik nu een Doctor of een Dra.
Dan had ik wél het buskruit uitgevonden.
 
Vaak denk ik (en vandaar dat ik besta):
“Wat waren jullie toch voor vuile honden?”
Maar nooit komt het verlossende “Aha!”
 
Uit de nieuwe bundel: ER IS LIGHT!