Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Met Forum, Vorm én Vent



Het was een jaar van rampen en ravage.
Herinneringen aan een oude oorlog,
een gek die zich onttrekt aan ballotage
en oprukt naar de Krim (straks Pruisen nog).

Zijn vrienden schieten vogels uit de lucht
maar nergens is er zicht op arbitrage.
Wij bergen resten van een vredesvlucht,
de lichaamsdelen, knuffels, de bagage.

Tweeduizendveertien. Honderd jaar nadien
is deze eeuw ook al kapot geschoten.
Wij zullen bloed en propaganda zien.

De selfie van het jaar wordt nu gelijmd,
op facebook hebben we massaal genoten.
Maar zelfs de Sint is heden ongerijmd.
 

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Waar? (2017)



Dichters, we lezen ze met droge ogen:
Een Vegter, Nolens, Benders, Oosterhoff.
Waar zijn de tijden van het hartebloed?
De zielepijn, de traan en dat soort werk.
Waar de gezangen van het mededogen?
Verweij, Van Deyssel, Gorter, Kloos of Perk?
De litanieën, waar? Voorbij. Voorgoed.
Een zakdoek vangt vandaag nog enkel stof.

Het bloed werd gruis. De tranen werden glas.
Verlies en stukgaan voelt nu tweedehands.
Het leed werd leed van bordkarton. Te koop.
Deels nog als dagboeksmart. Van droefenis
Kwam grimas , gil en wrede pijn. En masse
Verdoezelt men nu weemoed en gemis.
Per stuk, zoals je wil. Azijn werd stroop.
En Pfeijffer: Dichter nu des Vaderlands.

De dichter, heden, is een zonderling
Die weeklaagt in een martelend gekrijs.
Hij hangt de paljas uit voor zijn publiek
En speelt voor praktiserend psychiater.
Wat blijft: bezetenheid om één, één ding
Terwijl hij lamenteert in het theater.
De wonden die hij likt. En de muziek
Die klinkt bij het aanvaarden van een prijs.

Koop koop koop