Het vrije vers

Bevrijd van vormloosheid

Omdat light verse lééft



Mijn tante Johanna – God hebbe haar ziel –
Was dik in de tachtig toen zij nog beviel
‘Ja echt, ik voel leven’ zei tante ontdaan
En is toen terstond naar de huisarts gegaan

Die hoorde diep in haar omvangrijk postuur
Een hoogst onverklaarbaar geschuif en geschuur
‘Geen man en toch zwanger’ riep tante verheugd
‘Dit is de beloning voor kuisheid en deugd’

Zij was onbevlekt, als een non in een kluis
Voor vleselijk feesten gaf tante niet thuis
Geen vinger had ooit haar wellustig beroerd
In iedere man zag zij altijd een ploert

‘Moet ik mij ontkleden?’ vroeg tante benauwd
Híj was dan wel huisarts, maar zíj niet getrouwd
De dokter deed echter geen zwangerschapstest
Maar trok uit haar buikplooi een wandluizennest

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Op hoop van zegen (Perzischkwatrijnkransje)



Door Godsgeloof en onderdanigheid
Was Kniertje tot het allerergst bereid
Wie geeft haar laatste kind nou aan de zee
Zelf had ze geen benul van klassenstrijd

Ze douwde hem nog zilver in z’n oren
Maar Barend wilde van geen zeereis horen
Hij wou niet met de Hoop van Zegen mee
De bangerd had zijn leven al verloren

De storm sloeg half de haven naar de donder
Het dorp bad stil en hoopte op een wonder
Een lijk spoelt aan: de vis wordt duur betaald
De Hoop van Zegen werd tot wrakke vlonder

De reder die zijn centen zat te tellen
Werd mens door met de waterschout te bellen
De vissersvloot ging naar de ratsmodee
Daar had het dorp nog heel wat mee te stellen

Wie geeft haar laatste kind nou aan de zee
Hij wou niet met de Hoop van Zegen mee
Een lijk spoelt aan: de vis wordt duur betaald
De vissersvloot ging naar de ratsmodee

Bundels