Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Met Forum, Vorm én Vent



Steeds staren koeien in de wei
me minzaam aan wanneer ze mij
voorbij zien gaan
alsof ik diep onwetend ben
en slechts de oppervlakte ken
van hun bestaan.

En elke keer weer twijfel ik:
Is hun weemoedig wijze blik
wel wat het lijkt?
Nooit borrelt in een koeienkop
een heldere gedachte op
die mij bereikt.

’t Is wederzijds want men beschouwt
mij unaniem en vaak herkauwd
als drie keer niets.
Eén koe schokschoudert in haar vel
en loeit dan zacht: Maar hij heeft wel
een mooie fiets.

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Carrollade

Hij dacht dat hij een ringslang zag
Die zocht naar hoger gras
Maar toen hij weer keek was het slechts
Een houtje-touwtje jas.
'Natuurlijk', sprak hij zwaar verliefd,
'Ik trouw niet in een tas.'

Hij dacht dat hij een knipmes zag
Dat in een rondje zwom
Maar toen hij weer keek was het slechts
Een slimme clusterbom
'Dat komt goed uit', riep hij kordaat,
'Mijn metrum viel eerst om'

Hij dacht dat hij een topper zag
Die van de planken viel
Maar toen hij weer keek was het slechts
Een leeglopend ventiel
'Gelukkig is mijn hoofd', zei hij,
'Gevuld met vers acryl.'

Hij dacht dat hij een luchtbel zag
Die langs de sterren vloog
Maar toen hij weer keek was het slechts
Een zwarte regenboog
'Hoogst curieus', bedacht hij zich
'Mijn dak wil niet omhoog.'

Hij dacht dat hij een cirkel zag
Die vierkant wilde zijn
Maar toen hij weer keek was het slechts
Een ijzeren gordijn
'Het is te dol', verzuchtte hij
'Doe mij maar een glas wijn'

Koop koop koop