Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Met Forum, Vorm én Vent



Het regent en daar komt een zombie,
Weer keert dat monster en belaagt
Het hart tot bloedens toe, alsof die
Geen heimelijke pijnen draagt.

En uit diens kamer, vol met gaten,
Waar dagelijks leven werd verricht,
Gulpt reeds het rode bloed gelaten
Doorheen gekleurd namiddaglicht.

De zombies gaan zoals zij gingen,
Er is allengs geen onderscheid
Meer tussen zombie-erinneringen
En wat beleefd wordt als ie bijt.

Verloren zijn de laatste wegen
Om te ontkomen aan de strijd;
Altijd die zombies, altijd regen,
Altijd dit dode hart, altijd.

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Twee linkerhanden

Ik ga er ’s avonds stiekem even kijken
De bedjes staan zo knusjes naast mekaar
Het kamertje is al sinds maanden klaar
Of ik dat ook ben, zal nog moeten blijken

Als ik hun buikhuis daarna in mag strijken
Voel ik zijn voetjes en de bibs van haar
Zij is een zeepaard, hij een tuimelaar
Zal één van hen een beetje op me lijken?

De angst die mij soms uit mijn dromen houdt
Is dat ik zometeen voor spek en bonen
Hooguit beschuiten smeer voor het bezoek

Die luiers, dat gaat vast en zeker fout
Gelukkig kan mijn vrouw al goed verschonen
Want ik doe het van spanning in mijn broek

 

Nummer 2 in de autobiografische sonnettenwedstrijd.

Koop koop koop