Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Omdat light verse lééft



Wanneer de aarde na haar slaap ontwaakt
met halmen in het gras en nieuwe knoppen
waar lome hommels gonzend honinghoppen,
dan geurt het weiland dat van leven blaakt.

Het nieuwe blad heeft daar een nis gemaakt
waarin ik me voor even kan verstoppen,
ver weg van media en krantenkoppen.
Nog nooit heeft stilte mij zo zoet gesmaakt.

Ik snuif de lucht op, maar het zit niet mee.
De pollenplaag, ik had het kunnen weten.
Al niezend zeg ik het tableau tabee.

En thuis vraag ik: Hoe kon ik het vergeten?
Dáár voor de spiegel staat insectenspray.
Ik krab me suf aan honderd muggenbeten.

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Vader en zoon



We zitten met ons beiden vergenoegd
als samenzweerders om de fles gebogen,
zijn jaar is weliswaar niet omgevlogen
maar kan wel aan de voorraad toegevoegd.

Hij strijkt een hand werktuiglijk door de haren
waardoor zijn schedel steeds pregnanter schijnt,
‘een vlag die rafelt altijd aan het eind’
is zijn ironisch antwoord op mijn staren.

Waarna er weer veelzeggend wordt gezwegen,
een glas bestaat bij gratie van het legen.

Koop koop koop