Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Met Forum, Vorm én Vent



ik spot vanuit de hoeken van mijn ogen
een achtpoot die een wankel avontuur
begaat op onze wit gesausde muur
ik heb er vroeger heel wat opgezogen

mijn dochters vinden dat onzinnig wreed
‘waarom ben jij nou altijd zo pietluttig
tenslotte zijn die diertjes heel erg nuttig
ze voelen píjn’ zoals ik immers weet

ik onderwerp mij maar en houd me groot
en ga met glas en viltje in de weer
om met degout het griezeltje te vangen

maar buiten, bám!, trap ik ‘m leukweg dood
…welnee…ik wierp hem in de conifeer
en zat mijn nageslacht maar wat te stangen


Het glas-viltje-bámgrapje heb ik geleend van Freek de Jonge

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

De Knoertendoder



De Knoertendoder schaamt zich dood.
Zijn konen kleuren purperrood
want hij heeft heel wat uit te leggen.
Hij durft het bijna niet te zeggen:
zijn levenswerk bleef onvolvoerd,
nog nimmer doodde hij een Knoert.

Zijn opa heeft hem indertijd
niet onsuccesvol opgeleid
met knots en slinger, bijl en blijde.
Helaas was bij diens overlijden
één kwestie nog onaangeroerd:
waaraan herkennen wij een Knoert?

Hij heeft een Gippel gif gevoerd,
een Polk geplet, een Murk gemoerd;
zelfs kraakte hij diverse Krangen –
het werd met hoongelach ontvangen.
Zo heeft hij jaren aangeklooid
en Knoerten doden deed hij nooit.

Net toen hij dacht: ’t zit me tot hier!
ontmoette hij een wijfjesdier
wier zoete zang hem zo ontroerde
dat hij haar vloerde en ontvoerde.
De bruid bleek Stoere Doerian,
de laatste Knoert van Knoertistan.

Nu strijdt zijn liefde met zijn trots:
nog steeds ligt onder ’t bed die knots…
In weerzinwekkend woeste dromen
weet hij zich soms niet in te tomen
en kleuren lakens purperrood.
‘De schat!’ zingt zij. ‘Hij schaamt zich dood.’

 
 

Koop koop koop