Pornografische tearjerker in drie sonnetten 

II Goede raad

‘Ik zou niet kijken’, zei mijn psychiater –
Groot kenner van de menselijke ziel –
‘want u, als kroonprinsminnend homofiel,
Zit straks met een verschrikkelijke kater.’ 

Mijn psychiater is een vlotte prater,
Maar Alexander heeft zo’n sex-appeal
Dat ik dwangmatig voor de beeldbuis kniel.
Misschien zal mij dat nog berouwen, later.
 
Want liefde spoedt zich als een schaduw heen
Of blijkt een zinsbegoocheling, een dwaling.
Wij hebben voor een uur elkaar te leen,
En tranen zijn de bitt’re afbetaling

Van al wat onherroepelijk verdween –
Al kijk ik straks geheid naar de herhaling.


(uit: Zo klinkt dus weggesmeten geld, uitgeverij Mouria)
Morgen deel II

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Willem Wilmink Dichtwedstrijd



Gisteravond werd in de bibliotheek Almelo de uitslag bekend gemaakt van de 19e Willem Wilmink Dichtwedstrijd.
Dit keer was de opdrachtregel bedacht door Ingmar Heytze en de genomineerden wachtten in de gebruikelijke spanning af wat de jury had besloten.
Een jury die gerust deskundig genoemd mag worden, want al bestonden de meeste inzendingen uit vrije verzen, bij de genomineerden overheerste het netjes rjmende en gebonden vers.
Het is dan ook geen wonder dat daartussen Ko de Laat zat,  die van een van de juryleden een 9 kreeg en of dat genoeg was om als eerste te eindigen kunnen jullie zelf opmaken uit zijn persoonljk verslag van deze avond op zijn weblog, dat wij met zijn toestemming overnemen:

"Zoals beloofd zou ik jullie natuurlijk nog laten weten hoe het gisteren gegaan is bij de Willem Wilmink Dichtwedstrijd in de bibliotheek van Almelo.
Maar laat ik, voorafgaand aan de onthulling, eerst maar eens het gedicht waar het om ging aan jullie tonen.
In het gedicht moest dus de regel ‘Alles is meteen zoveel’ worden verwerkt, een regel bedacht door gastdichter en jurylid Ingmar Heytze.
Dit was wat ik met die regel kon:

Onverteerbaar leesvoer

Ik wist niet wat er zat in wat ik at
Toen internet nog niet zo’n draagvlak had
In heel wat voedsel schuilt het onvoorziene
En sinds ik vaak online ben, weet ik dat

Een veelgedeeld essay rond margarine
Verhaalde mij van lipo proteïne
Alsook dat margarine stof bevat
Die eveneens voor plastic blijkt te dienen

De wetenschap is op het web ontketend
Het wordt mij link na link gepresenteerd
Ach, liep ik nog maar wat aanvaardbaar achter

Want alles is meteen zoveel verdachter
Voor wie te grondig is geïnformeerd
Ik word vanzelf ooit dodelijk alwetend

Dat was dus het gedicht.
Nu was het nog afwachten hoe het bij de jury was gevallen, want dat weet je natuurlijk nooit.
En men roept de winnaars dus af van 10 tot 1. Dat brengt een ondraaglijke spanning met zich mee en elke keer dat je er nog niet bij zit is een opluchting.
Ik was vorig jaar vijfde en toen ik bij nummer zes nog niet genoemd was, wist ik dat ik mijn prestatie minimaal zou evenaren.
Toen ik ook nog niet op vijf stond, wist ik dus dat ik mijn prestatie ging verbeteren.
Toen ik ook nog niet op vier stond, wist ik vanzelfsprekend dat het minimaal brons ging worden.
Toen ik ook nog niet op drie stond werd het tijd om mezelf aan te praten dat het maar een spelletje was.
En het werd uiteindelijk…zilver.

Ik ben mooi tweede geworden. Daar kan ik mee thuiskomen.
Eerste was Annet Schaap uit Deventer.
Maar tweede in een sterk deelnemersveld voelt zeker als een overwinning. En volgend jaar proberen we het, ijs en weder dienende, gewoon weer. Voor nu tel ik mijn zegeningen en ga ik weer vrolijk aan de arbeid."

Hoe het andere Vrijeversmedewerkers is vergaan weten we nog niet, die slapen hun roes nog uit, maar een wekgemeend "OK KO!" is hier wel op zijn plaats