Het vrije vers

Bevrijd van vormloosheid

Omdat light verse lééft

De drollenvanger heb ik nog gedragen
Ik heb ze dus, als jongeman, gekend
Het was nu eenmaal mode in die dagen
Nou, mode, ach men was niet veel gewend

Men zag ze wel als mensen gingen jagen
Ze droegen ze wat graag en consequent
U had het alle jagers mogen vragen
Zij waren met die pantalon content

De drollenvanger kwam ik toch weer tegen
Gedragen door wat lui, sportief van geest
Ik telde er algauw een stuk of tien

Hoewel als kledingstuk nogal belegen
Is het geval terug van weggeweest
Ik heb ze op de golfbaan weer gezien

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Wie ziet niet soms zich liggen in de kist

Naar J. A. Dèr Mouw, zelfde titel

Wie ziet niet soms zich liggen in de kist
verlicht door eng’lenschijnsel van omhoog
een gouden poort leidt naar de hemelboog
de ijle lucht wijkt onder ‘t alziend oog
zacht klinkt het snarenspel van een harpist.

Wie ziet niet soms zich liggen in de kist
voorop gaat reeds, gekleed in bef en toog
de dominee, zijn preekje kort en droog
bekenden staan daarrond als bermtoerist.

Wie ziet niet soms zich liggen in de kist
juist vrijgegeven door een patholoog
in handen van een erfrecht-fiscalist.

Ik zucht eens diep, het angstzweet wordt gewist.
Wie ziet niet soms zich liggen in de kist.

Bundels