Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Omdat light verse lééft



Daisy Bel, zo pas geboren
Hoopje mens, maar wel compleet
Kleine meid, ze laat zich horen
Honger, honger, luidt haar kreet

Schreeuwen kan die kleine wel
Soms wel honderd decibel

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Utrechts sonnet 4



Rondom mij hangt de geur van vreemde kruiden
Vol weemoed denk ik weer aan hoe het was: 
De wereld scheen vol lichtere geluiden
En een soldaat sliep op zijn overjas

De wereld scheen vol lichtere geluiden
De zon glom op mijn helm en mijn kuras
We trokken zingend naar het verre zuiden
Met dreunende en eensgezinde pas

We trokken zingend naar het verre zuiden
Ik peins nu, rillend in het natte gras:
‘De wereld scheen vol lichtere geluiden
En een soldaat sliep op zijn overjas’

Een kogel fluit, ik druk mij in de grond
Wie reist ziet veel, maar het is niet gezond



(‘De wereld scheen vol lichtere geluiden

En een soldaat sliep op zijn overjas’ uit:
De laatste brief, Bertus Aafjes)

Koop koop koop