Welaan zei ’t schaap Veronica, ik ga een eindje lopen.
Het huis is fijn aan kant, het is het einde van de week:
Ik zal eens voor de dames Groen een grote ruiker kopen,
Want morgen zijn ze jarig en ik breng ze ook een keek. 

Eerst ging ze naar de bakker om de hoek op nummer zeven.
Vervolgens naar de bloemenman voor gipskruid en pioen.
Een tasje en een kaart erbij, waarop ‘lang zal ie leven’,
Ziezo, sprak zij vol goede zin, nu naar de dames Groen. 

De huisknecht deed al open en hij liet het schaapje binnen.
Kom verder, schaap Veronica, wat fijn dat u er bent.
Een cake! Riepen de dames Groen, ons fuifje kan beginnen.
De blommen zijn ook prachtig hoor, bedankt voor het present. 

Kijk, juffrouw schaap Veronica, neemt u maar vast een bakje,
Toe help uzelf maar even, hoor, de thee is vers gezet.
Ze liepen naar de secretaire, ze openden een vakje
En legden toen een spiegel en een mes op het buffet. 

Ach, vindt u het niet erg juffrouw, we zijn wat ongeduldig,
We moeten even wachten op de oude dominee.
Hij brengt ons zo wat poeder mee, niet veel, het is onschuldig:
Wij nemen elke zaterdag een snuifje bij de thee. 

Het schaap kreeg ook een beetje en ze raakte van de kook,
Ze feestten heel de avond en het volgend weekeind ook.

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Dag boek!


In dit millennium kwelt mij de  vraag
waarom wat is geschreven nog als boek
bestaat. Wanneer nu eindelijk het doek
valt voor dat lor met ezelsoor, die plaag

van vet en snel losbandig woordenvat
en van die slappe dweil de paperback
vol kwijl en shag, ja zelfs met luis en crack!
Ik ben het spuugzat, al dat gore blad.

Goddank: het lezen kan nu digitaal;
zo schendt geen derrie nog een schoon verhaal.
Dus weg die lorren, bij het oud papier!

We houden er een paar als souvenir,
voor leesmusea. Achter kiemvrij glas
ligt straks te kijk hoe vies u vroeger las –



Uit: Zo klinkt dus weggesmeten geld. Mouria, 2007