Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Met Forum, Vorm én Vent




“Wie armoe kent die steelt gerust een brood”
Een quote die wij nog lang niet zijn vergeten
Wie honger heeft die zal toch moeten eten
Daarmee sloeg Vaticaanstad uit het lood.

De herder was niet altijd even Rooms
Als pleitbezorger voor de onderkant
Zong hij een loflied op de gummiplant:
“Geen aids in Afrika! Gebruik condooms!”

Zijn lijfspreuk was ‘shalom’ in alle talen
Zijn weg was van de bodem naar omhoog
Door interreligieuze dialoog
Zien wij zijn ster tot in de hemel stralen

“En nu het celibaat nog” hoor ik klinken
Daar gaat hij boven vast een pint op drinken.

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Utrechts bis-sonnet



Denkend aan de dood kan ik niet slapen
En niet slapend denk ik aan de dood
Ik woel en draai en tel wel duizend schapen
En het leven vliedt gelijk het vlood

Straks wacht mij weer het droeve ochtendrood
Denkend aan de dood kan ik niet slapen
En niet slapend denk ik aan de dood
En het leven vliedt gelijk het vloot

Zo'n boerencamping geeft een hoop gedoe
De beesten houden me voortdurend wakker
Ik woel en draai en tel wel duizend schapen

Ik wil wel opstaan maar ik ben te moe
Het liefst wil ik een bloedbad op de akker
Denkend aan de dood kan ik niet slapen

Koop koop koop