Het vrije vers

Bevrijd van vormloosheid

Omdat light verse lééft



Het trapsonnet: meer dan een woordgebaar
De dichter smeedt de zinnen aan elkaar

Hij zoekt in menig woord- en rijmbestand
Een druppel transpiratie siert de slapen
Zijn uitgeknepen brein lijkt op fondant

De weke mond proeft hoe een rijmpaar klinkt
Hier vindt de volta zijn geëerde wending
Het vers is halverwege zijn vol-ending
Een kleine traan wordt zachtjes weggepinkt

Hij schrijft hier door emoties overmand
De pen is immer nog zijn grootste wapen
Hij wikt en weegt de woorden op zijn hand

Hier toont zich de sonnettenkunstenaar
Het trapsonnet is in een omzien klaar

Rijmschema: aa bcb deed bcb aa
c en e vrouwelijk, rest mannelijk rijm, afwijken mag.
Metrum: geen voorkeur, ik schrijf zelf het liefst in jambische pentameter.
Kan op en neer worden gelezen.

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

De Snotterwokkel


 
Wee de arme Snotterwokkel
die het niet gesnopen heeft.
(Hij kan het aan de Frokkel vragen
maar dat vindt hij onbeleefd.)
 
‘Waarom ben ik ooit geboren?
Wie verklutste toch mijn struif?
Waarom heb ik sprokkeloren
en een krakel in mijn kuif?
 
Waarom is er herfst, en haring?
Waarom lust ik geen hachee?
En waar vind ik een verklaring
voor het golven van de zee?
 
Waarom moet het altijd zachter,
waarom roept men dat ik stoor?
Waarom kom ik nergens achter?
Waarom kom ik nergens voor?
 
Waarom moet ik altijd huilen
als ik een komkommer zie?
Waarom kan ik nergens schuilen
voor het Grote Potverdrie?
 
Alles is zo ongewokkeld,
alles is zo ongewis
als je schoenen zijn versokkeld
en je vuist een vlakgom is.’
 
Ach, die arme Snotterwokkel.
Hij snuit zijn snufferd in zijn staart
en gumt zichzelf volledig van de kaart.
 
(Of dat nou echt nodig was?
Ik kan het aan de Frokkel vragen
maar dat lijkt me ongepast.)

(Uit Er zit een feest in mij, Querido’s Poëziespektakel 5, 2012 )

Bundels