Het vrije vers

Bevrijd van vormloosheid

Omdat light verse lééft



‘Natuur is voor tevredenen of legen’
Heeft Bloem zich ooit mistroostig overdacht
En zocht zijn heil langs voetpad en langs gracht;
Hij kwam zijn naam als bloeiwijs zelden tegen

Zelfs in de oude stad valt wel eens regen
Een potloodgrijze grimme jammerklacht
Doch als daarna de zon zich spiegelt, zacht
Glanst zelfs des dichters beeld in asfaltwegen

Hij moet erkennen dat de huizenkant
Zijn mossen door het zonlicht laat verzorgen
Alsook de bomen en het kiemend zaad

Dat ritmisch opschiet, voeg voor tegelrand
Een wonder op een miezerige morgen
Groen en gelukkig, in de Dapperstraat

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Achter de wolken



Ik heb zo goed als niets meer te vertellen
de fles is leeg, wat rest is zielenpijn
de eens zo blijde geest is knap vereelt
slechts bitterheid komt er naar boven wellen
mijn rijmpjes zijn inmiddels als azijn

De harde bolster van de vrucht te pellen
vertoont geen blanke pit doch grauw venijn
de toverfluit wordt zelden meer bespeeld
wat slagen op versleten trommelvellen
mijn rijmpjes zijn inmiddels als azijn

Geen olijkheid van dartele gazellen
versiert in Balladines het refrein
’t is als een stier die zich kapot verveelt
of krappe schoenen die tot blaren knellen
mijn rijmpjes zijn inmiddels als azijn

Maar af en toe zweven er toch libellen
op gazen vleugels, licht en o zo fijn
en is het net of er een lijster kweelt
dan krijgt mijn versje weer een vleugje wijn