Het vrije vers

Bevrijd van vormloosheid

Omdat light verse lééft

HET VRIJE VERS

Hetvrijevers.nl is een initiatief van Quirien van Haelen en is opgericht in 2009. De site is een vrijplaats voor light verse en gerelateerde vormvaste uitingen.

 

REDACTIE

Jaap van den Born is hoofdredacteur. De redactieleden zijn Inge Boulonois, Arjan Keene en Peter Knipmeijer. Het Forum is een plek waar leden worden verwelkomd en aangemoedigd, als ook met harde hand door medeversificatoren worden bijgestaan. Over falende techniek en andere al dan niet dreigende ellende moet je bij Arjan Keene zijn die met de waterpomptang de boel aan de gang houdt.

 

BIJDRAGEN
De auteurs die op www.hetvrijevers.nl publiceren stellen oud en nieuw werk op aanvraag, op eigen initiatief, en geheel belangeloos ter beschikking. Bijdragen worden ook door de redactie uit het forum gekozen. De verantwoordelijkheid voor de teksten ligt bij de auteur. Gedichten mogen niet zonder toestemming van de auteur worden overgenomen. Reageren kan op sommige artikelen, maar anonieme of niet ter zake doende reacties worden verwijderd. Bijdragen van auteurs zijn na te lezen in het menu ter rechterzijde. Daar vindt u ook allerlei links naar sites van dichters, liedtekstschrijvers en overige interessante zaken.

 

(c) Het Vrije Vers 2009-2019

Het Vrije Vers gebruikt het Content Management System Joomla, het forum is van Kunena, op het forum is het mogelijk om BBCode te gebruiken (zoekt u dat maar eens op).

 

 

 

 

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

POTDOMME, zei de dominee



POTDOMME, zei de dominee. We kunnen niet naar buiten…
We zijn volledig ingesneeuwd, van hier tot aan de heg.
Tompoezen of een mokkapunt, daar kunnen we naar fluiten:
wie heden naar de bakker wil, zakt tot z’n middel weg.

Veronica zei sip: Maar ik wou sneeuwballen gaan gooien,
ik wou een sneeuwpop maken met vier voeten en een staart!
De dominee sprak omineus: Tenzij het gauw gaat dooien
wacht ons een Wisse Hongerdood en eet u nooit meer taart.

Daar zaten ze mistroostig uit het serreraam te staren.
’t Leek buiten Nova Zembla wel, zo ijselijk en guur.
De dominee die telde bitter zuchtend zijn sigaren –
toen doken er twee beren op, ter hoogte van de schuur.

De dominee riep: Sodeju, ik ga hallucineren!
Aan mij verschijnen beren in een Hongervisioen.
Het is geen sivioen, zei ’t schaap. En het zijn ook geen beren.
Ze dragen wanten en een muts – het zijn de dames Groen.

Waratje, zei de dominee, ze roetsjen naar beneden
in grote dikke bontjassen, kloekmoedig op de ski!
En als mijn oog me niet bedriegt, dan trekken ze een slede
vol brandewijn en bitterkoekjes, bolknakken en brie.

Ze takelden de proviand naar binnen langs ’t balkon.
Ziezo, zeiden de dames Groen. En nu een ijsbonbon.

Bundels