Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Met Forum, Vorm én Vent

ze droomde ooit een briesend paard te zijn
met weelderige wapperende haren
bereden door de dapperste huzaren
zelfs zweep en sporen kregen haar niet klein

zij was een fiere furie vol venijn
die slechts met echte hengsten wilde paren
de zonen van de kudden der Tataren
haar hoofdstel was bedekt met hermelijn

ontwaakt is zij de koets weer ingestegen
bejubeld door de dwaze onderdanen
een rijtoer over star gebaande wegen

uitsluitend haar gedachten slaan op hol
gekortwiekt zijn de vorstelijke manen
de teugels horen bij het protocol

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Distel




De poëzie is uit mijn lijf gekropen:
te vaak te lang, te veel te laat gewerkt.
De werkstroom heeft het andere verzopen.
Het mooie in het leven werd bezerkt.

Een oogklep hield mijn wijde blik beperkt.
Op hol geslagen bleef ik verder lopen.
Ik heb het eigenlijk niet eens gemerkt.
Mijn brein stond voor geen and’re prikkel open,

totdat er tussen scheefgezakte tegels
een klein maar dapper puntje groen ontspruit,
een distel die zich opmaakt voor de bloei.

Ik weet het wel, ’t is tegen alle regels,
dit moet er met de voegenkrabber uit,
maar ik bedenk me tien keer voor ik snoei.

Koop koop koop