Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Met Forum, Vorm én Vent


                Drs. P in 1968

                DE VLOEK DER WETENSCHAP

 

Toen mijn man met enk’le lieden

Zelf een luchtschip had gemaakt,

Zou het grote feit geschieden

Waar hij zoo naar had gehaakt.

Onberoerd door duizend vragen,

Aangestaard en uitgejouwd,

Ging hij stil zijn leven wagen,

De vermeet’le aeronaut;

De vermeet’le aeronaut.

 

In de landelijke dreven

Hoorden allen het gerucht

En men zag het toestel zweven

Door de hoge, blauwe lucht.

Weldra zou hij veilig landen;

De machine liep gestaâg.

Maar door ’t breken van de banden

Viel het schuitje plots omlaag;

Viel het schuitje plots omlaag.

 

Ach, hij zocht het onbekende,

Doch zijn droom verging in rouw.

Sindsdien leef ik in ellende

Als een arme weduwvrouw.

Nu ik alles heb verloren

Smeek ik u, geacht publiek,

Laat u nimmer toch bekoren

Door die duivelsche techniek;

Door die duivelsche techniek

Dit is de derde onbekende tekst van Drs. P uit 1968, die opdook inde nalatenschap van Lia Dorana (zie Archief van 27 april en www.jasperine.net). Het vorige nummer, 'Nazomer', was een eenvoudig sfeerbeeld (dat het trouwens niet haalt bij het sfeerbeeld in 'Quartier Putain' uit dezelfde periode) maar dit is een ouderwetse smartlap, geheel in de stijl van de beginperiode van de doctorandus, toem hij zich voornamelijk op dit genre richtte. Zelf heeft hij hier geen herinneringen meer aan, noch aan de bijbehorende melodie die helaas nog niet opgedoken is, maar die waarschijnlijk niet al te ingewikkeld was. Hieronder het origineel met eigenhandige correctie.


Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Er kwam ene boer uit Zwitserland, kadee kadolleke (opnieuw berijmd)



Er woonde eens een boer in wat nu heet Klein-Zwitserland
En op zijn land was op een dag een ezeltje gestrand
Het beest dat droeg een rol met prima laken op zijn rug
De boer dacht hebberig ‘ Da’s mijn‘ en pakte het toen vlug

Er woonde in zijn boerenbuurt een eerste klas coupeur
Hij klopte met zijn laken bij die kerel op de deur
Hij toonde hem zijn lap waarbij hij ongedwongen sprak
‘Maak jij voor mij een strak gesneden stadse mannen pak’

Hij toonde trots zijn nieuwe pak aan vrouwlief op de stee
Zij schudde smartelijk haar hoofd en zei ’Dat valt niet mee
Jij in dat slecht gesneden pak , je bent een parvenu’
De boer riep boos ‘ik ga terug, en zal hem, sodeju’

De boer die met een dikke stok naar de coupeur vertrok
Zag tot zijn schrik dat de coupeur niet echt van stokken schrok
En bovendien bleek deze man ook nog ontzettend sterk
En stootte met een dikke naald in ’t boeren achterwerk

Een dikke naald, een dikke stok , het werd een nare strijd
En met zijn tweeën op een geit recht naar de eeuwigheid

Lees meer...

Koop koop koop