Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Omdat light verse lééft

Het Satansevangelie 
Jaap van den Born
44 pagina's
Verhaal in verzen.
Het vrije vers ebook 



In het ons bekende universum heerst, zoals bekend, al lange tijd een strijd tussen het Licht en het Duister met ons, mensen, als inzet. God en Satan doen allebei hun uiterste best zieltjes te winnen en in de propaganda-oorlog die zij voeren ligt God duidelijk oneindig ver voor.
De christelijke kerk heeft miljarden leden en de satanskerk stelt maar bitter weinig voor en zelfs die paar leden staan bloot aan de vuigste verdachtmakingen van christelijke kant.

God heeft zijn programma vast laten leggen in een wereldwijd verspreid boek en de satanisten kunnen daar niets tegenover stellen; de zogenaamde ‘Satansbijbel’ van Delavey bestaat uit wartaal en plagiaat.
Mensen die kennis willen nemen van het standpunt van Satan zijn aangewezen op de karikatuur hiervan in de christelijke geschriften.
Zeker in deze dagen worden wij weer overspoeld met hun propaganda en het leek ons niet meer dan fair dan dat nu eindelijk eens de tegenpartij een kans krijgt háár standpunten naar voren te brengen.

In het kader van hoor en wederhoor heeft de redactie van Het vrije vers, zonder overigens zelf partij te trekken in deze kwestie, haar kolommen dan ook opengesteld voor Satan en je vindt hier als speciale kerstspecial als gratis e-boek (alweer een gratis e-boek van Het vrije vers!) Het Satansevangelie.

Een boek dat de zaak eens van de andere kant bekijkt en een verrassend en onthullend licht werpt op het kerstkindje!


Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Nog eentje dan

Nog eentje dan en dan wordt het tijd dat die bundel eens verschijnt:



Levend Nederlands
 
Ik roep: 'Gemeen!' en: 'Werkelijk infaam!'
Très en colère hier aan myn table d'hote
Wat de couranten nu weer dorsten schryven!
 
Halfhartigheid! Van elk vaillance ontbloot!
't Zyn minne kerels, laffe lauwe wyven!
O, als ik maar niet zulke armoe leed!
 
Ik ben genoopt om wéér miskend te blyven
Terwyl ik altyd sans réserve streed
Nu, cas d'urgence, sluips onder valse naam
 
Incidemment neem ik au sérieux
De uitspraak: 'Le journal est un monsieur'

Eduard Douwes Dekker ('Ik leg mij toe op het schrijven van levend Nederlands' Multatuli)) nam in 1866, als altijd om geld verlegen, het baantje aan van Rijnlands correspondent van de Opregte Haarlemsche Courant.
Natuurlijk kon hij zijn mening niet voor zich houden en omdat dat niet mocht verzon hij een krant, de Mainzer Beobachter, waar hij tot 1869, toen zijn diensten niet meer verlangd werden, naar hartelust en breedvoerig uit citeerde en die het altijd totaal oneens was met alle kranten waar hij uit geacht werd te berichten:”(…) De Mainzer Beobachter behandelt dezen brief in eenige spottende regelen, waarin dat blad de Parijsche jongelieden berispt over hunne waanwijsheid, en besluit zijne opmerkingen met deze woorden: 'op uwe vraag, of het niet de pligt der studerende jeugd is, deze of andere waarheden te verkondigen, antwoorden wij eenvoudig: Neen, jongelieden, dat is uw pligt niet! Uw pligt is ijverig te studeren, opdat ge, na ernstige inspanning, en na in de maatschappij te hebben getoond, dat ge het regt veroverdet om als mannen medetespreken, in staat moogt zijn 'iets te verkondigen.' Voorlopig wijzen wij u terug naar uw collegiebanken…”
(Reactie op een vredesoproep van Franse studenten die in een open brief betoogden tegen een dreigende oorlog: 'De volken zijn groot, niet naar mate van de omvang hunner grenzen, maar door hun constitutiën. Frankrijk en Duitschland behooren aantedringen, niet op ruimere grenzen, maar op meer vrijheid.').

Koop koop koop