Toen raakte Gods ideeënstroom, zo zoetjes aan, eens op
En schiep Hij als Zijn laatste dier, je raadt het al, de blob
'Ik maak', dacht Hij, 'iets, net als Adam, van een klodder klei'
Maar werd door Eva afgeleid en was er niet goed bij

‘Dat vrouwtje, mwah, is naar mijn zin van voren nogal plat
Die werk ik heus nog bij en af, straks in mijn modderbad’
‘Maar allereerst nu blob’, sprak God, een tikkeltje bekoeld
Want blob was blob nog niet, zoals oorspronkelijk bedoeld

Zo stond zijn neus in het begin dus achter op zijn kruin
En stonden beide ogen nog een ietsiepietsie schuin
‘Een klodder hier, een klodder daar en zie het resultaat:
Het is misschien wat droevig, maar hij hoeft niet over straat’

‘En geef je hem een brilletje en ook een paar bretels
Dan krijgt zo’n pafferig figuur zowaar iets heel rebels’

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Bij de dood van Neil Armstrong



 

Je kunt als mens dwars door de dampkring gaan
En voorts gewichtloos door de ruimte zweven.
Je kunt je in een ruimteschip begeven
Waarmee je zelfs kunt landen op de maan.

Als eerste mens raakt hij de maangrond aan
En kan, door zucht naar kennis voortgedreven
Gaan onderzoeken of men er kan leven
Of hoe zo'n hemellichaam is ontstaan.

Maar als je op de maan hebt rondgelopen
En iedereen op aarde kent jouw naam
Dan mag je nog niet op genade hopen.
 
Al heb je na zo'n reuzenstap veel faam
De dood valt ook door jou niet om te kopen
Maar klopt, als hij het tijd vindt, op jouw raam.