Het vrije vers

Bevrijd van vormloosheid

Omdat light verse lééft

Welkom, Gasten
Gebruikersnaam: Wachtwoord: Onthoud mij

Onderwerp: Praag in december {dubbelganger}

Praag in december {dubbelganger} 1 jaar 2 weken geleden #1





De Karlsbrücke. Een decembermorgen.
’t Is koud, ik ril en maak mij zorgen
Een klok. Het is op slag van tienen.
Ik zie een schim en kan wel grienen
Ik voel zijn jas van gaberdine,
En weet – hij neemt weer mescaline –
Zijn dunne lijf daarin verborgen.
Hij lacht, maar ik kan hem wel worgen



Ik denk aan sinaasappelbomen.
En wilde braam, niet in te tomen
Zijn bed vannacht rook naar seringen.
Mijn lust was amper te bedwingen
Hij rilt. Hoort hij de krekels zingen?
Of hoort hij Praagse klokken klingen?
We zien de zwarte Moldau stromen.
Een witte zwaan wordt meegenomen.



Ik weet maar weinig van zijn dromen.
Van zijn geslotenheid en schromen
Zal straks zo tegen vieren, vijven,
Terwijl ik naarstig zit te schrijven
Een mantel op het water drijven?
Zal ik ter plekke dan verstijven?
Hij had hem pas nog laten stomen.
Kan ik dit ooit te boven komen?


Origineel gedicht: Praagse Mist van Gerrit Komrij. Zie voor eventuele uitleg: Frans Woortmeijers Versvormen.
Laatst bewerkt: 1 jaar 2 weken geleden door Hanny van Alphen.
Alleen ingelogde leden kunnen reageren.
Bedankt door: Frans Woortmeijer

Praag in december {dubbelganger} 1 jaar 2 weken geleden #2

Knap, Hanny!
Alleen ingelogde leden kunnen reageren.
Bedankt door: Hanny van Alphen

Praag in december {dubbelganger} 1 jaar 2 weken geleden #3

Laatste regel veranderd wegens rijk rijm (meegenomen ingenomen)

Regel was: De naaister had hem ingenomen.
Alleen ingelogde leden kunnen reageren.
Tijd voor maken pagina: 0.119 seconden

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Des Heils

Zij keek me aan, ik werd zo slap als was
Maar kon niets doen, we waren met zijn vieren
En zwichten voor een dame achter glas
Is ongewenst gedrag voor officieren

Mijn bed was 's nachts een losgelagen schuit
Ik woelde maar en kon haar niet vergeten
Toen las ik in één ruk de Bijbel uit
Waarin mijn zonde meermaals werd bemeten

Wat ik die uren van Gods woord opstak
Zou ieder in de oren moeten knopen:
De mens maakt Jezus' levend water brak
Terwijl hij voor ons stierf, het is bezopen!

Ik wacht blijmoedig op de laatste dag
Al wou ik af en toe dat zij hier lag


Dit gedicht is een bout-rimé naar aanleiding van een gedicht van Bas Boekelo op het forum. Kijk voor meer fraaie voorbeelden op het forum.

Koop koop koop