Het vrije vers

Bevrijd van vormloosheid

Omdat light verse lééft

Welkom, Gasten
Gebruikersnaam: Wachtwoord: Onthoud mij

Onderwerp: Contaminatie

Contaminatie 13 dec 2019 18:20 #1

  • Frits Criens
  • Frits Criens's Profielfoto
  • Offline
  • Forumgod
  • Berichten: 1818
  • Ontvangen bedankjes 1188
MENGMIXEL

Van zwartepieten word ik lijp
Dus kap ik op met kaarten
Mijn brui geef ik aan Maarten
En in de wilgen hangt mijn pijp

Ik werp het bijltje in de ring
Het boeltje en de handschoen
Zal alles aan de kant doen
Want spelen is niet zo mijn ding

Ik zet er nu een streep bij neer
Een punt eronder, zonder meer!
Laatst bewerkt: 14 dec 2019 13:43 door Frits Criens.
Alleen ingelogde leden kunnen reageren.

Contaminatie 13 dec 2019 20:47 #2

  • Wim Meyles
  • Wim Meyles's Profielfoto
  • Offline
  • Forumgod
  • taalhumorist
  • Berichten: 1526
  • Ontvangen bedankjes 1986
Leuk, Frits, en knap gedaan.
Twee keer ‘dus’ vind ik licht storend.

Hartelijke groet,
Wim
www.wimmeyles.nl

Nieuwste boek: Driemaal daags een vers
Alleen ingelogde leden kunnen reageren.

Contaminatie 13 dec 2019 21:52 #3

  • Frits Criens
  • Frits Criens's Profielfoto
  • Offline
  • Forumgod
  • Berichten: 1818
  • Ontvangen bedankjes 1188
Ha Wim, bedankt voor je compliment. Je opmerking over 'dus' klopt wel. De twee dussen stonden weliswaar ver genoeg uit elkaar, maar de oplossing lijkt me charmanter: dus uit de voorlaatste regel is vervangen door nu.

c.a.
Frits
Alleen ingelogde leden kunnen reageren.

Contaminatie 14 dec 2019 13:44 #4

  • Frits Criens
  • Frits Criens's Profielfoto
  • Offline
  • Forumgod
  • Berichten: 1818
  • Ontvangen bedankjes 1188
In r. 2 'hou' vervangen door 'kap' om nog een extra contaminatie te genereren.

c.a.
Frits
Alleen ingelogde leden kunnen reageren.
Tijd voor maken pagina: 0.111 seconden

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Koude basten



Het land doorweekt, de luchten grijs
en menig mens terneergeslagen.
Seizoen van storm en zilte vlagen
van brakke dijken, meeuwgekrijs.

De holle zee, verstoven duinen.
Berooide grond aan lager wal
waar bomen kreunen in verval,
met koude basten, kale kruinen.

Toch hoor je naast de straffe wind
nog vrij van droeve najaarsblues
de klare lach van ‘t blije kind.

En op de beemd -in winterslaap-
verheft zich tussen herfstgebroes
het boud geblaat, van ’t Tessels schaap.