Gedachten dwalen in mijn hersens rond.
Ik denk niet helder tijdens hittegolven.
Liefst ging ik naar het bos toe met de hond;
daar is het koel, maar ook heb je daar wolven.
Dus blijf ik dolen in mijn eigen kop
door wereldleed en zelfbeklag bedolven.
Het allerergste is: het bier is op.