|
Welkom,
Gasten
|
|
Hij vluchtte voor de vloed aan beste wensen
Keek na het plassen naar zijn spiegelbeeld: De kerst allang weer uit zijn kop gespoeld Die rechteroksel had hij steeds gevoeld De opgedroogde plens was al vergeeld, Moest hij hiermee terug onder de mensen? Een stijve arm kon wel zijn smet vermommen Maar komend jaar zou hij zich niet bevlekken: Meer muiswerk over links bracht vast respijt En rust in die kantoortuinbrede tijd Die grijnzend zich nog meer leek uit te strekken In hongerige rijen en kolommen |
|
Alleen ingelogde leden kunnen reageren.
|
