Dag Eric,
Je bent behoorlijk actief met het plaatsen van limericks op HVV. Leuk!
Ik heb echter een paar opmerkingen over deze limerick.
Naar mijn idee loopt het metrum hier niet lekker. Ik neem aan dat je het gedicht in het ritme van een amfibrachys moet lezen, dus zo:
Jij PRÁÁT mensen NA, papeGAAI,
en KLETST alles DOOR, da’s niet FRAAI.
Komt SCHOONmoeder LANGS,
ze HOORT haars onDANKS:
“jij LElijke KRASsende KRAAI!”.
maar als je de regels los zou lezen – dus even de context van de amfibrachys in een limerick loslaat – dan zie je dat de natuurlijke klemtoon in de regels als volgt ligt:
Jij práát MENsen na, PApeGAAI,
en kletst ALles DOOR, da’s NIET FRAAI.
Komt SCHOONmoeder LANGS,
ze HOORT haars ONdanks:
“jij LElijke KRASsende KRAAI!”.
Met accentstreepjes op ‘praat’ kun je wel de nadruk op dit woord leggen, maar dit kan niet de klemtoon op de 1e lettergreep van het erop volgende ‘mensen’ wegnemen. Naar mijn mening vallen in deze limerick alleen regel 3 en 5 als echte amfibrachys te lezen.
Je kunt een limerick vrijwel altijd wel in amfibrachen voordragen of lezen, maar het werkt alleen goed (lees: klopt alleen) als de klemtoon overeenkomt met de plaats waar deze ook in het natuurlijke spraakgebruik valt.
Je hebt nu in een begeleidend verhaaltje een context geschetst, maar ik vind dat dat niet nodig zou moeten zijn - dat de limerick zonder verdere uitleg op zichzelf zou moeten kunnen staan. Je zegt zelf trouwens ook al dat ‘zelfs in een limerick met vijf korte regels een heel verhaaltje kan worden verteld’.
‘Haars ondanks’ voelt voor mij als rijmdwang. Ik lees het zo dat ‘haar’ op de schoonmoeder slaat en dat zij nu iets te horen krijgt dat zij niet zou willen horen, maar het voelt voor mij logischer dat vooral de (schoon)zoon of (schoon)dochter niet zou willen dat de papegaai schoonmoeder deelgenoot maakt van hun onderlinge, heimelijke geklets.
Klein detail: normaliter zijn er twee schoonmoeders en een schoonmoeder is ook een moeder, dus het blijft in het ongewisse of dit nu de schoonmoeder is van de zoon of de dochter (of, afhankelijk van het soort relatie, van de zoons of de dochters).
Hartelijke groet,
Han