Welkom, Gasten
Gebruikersnaam: Wachtwoord: Onthoud mij
  • Pagina:
  • 1
  • 2

Onderwerp: Samenwerksonnet XXVIII

Samenwerksonnet XXVIII 18 mrt 2021 21:32 #21

1 (a,v) O zoet gepeins, o zware fantasijen!
2 (b,m,FW) Zo voelt het, als het klokje negen slaat
3 (a,v,FW) Ik luister naar de mooiste melodieën
4 (b,m,JB) Terwijl ik resoluut mijn blaffer laad

5 (c,v,BH) Jouw beeltenis staat bonkend mij voor ogen
6 (d,m,OvG) Ten tijde van een woeste vrijpartij
7 (c,v,HtP) Dat jij mij met mijn broeder hebt bedrogen
8 (d,m) Wisten die lange nacht de regen, ik noch gij

9 (e,m) Ik ben vannacht ontwaakt met wilde schrik
10 (f,v,JB) O Guinevere, waar zal ik u vinden?
11 (e,m,BH) Mi lanct na di, mijn kleine stouterik
12 (f,v,OvG) Als zuiver water naar een doopsgezinde
13 (g,m,HtP) Ik trof je kousenband slechts in de hut
14 (h,v) Het hele pand weergalmde van het wenen
15 (i,m,FW) Een steek van pijn doorkliefde toen mijn hart
16 (i,m,FW) Ik schiet tekort in mijn verslag als bard

17 (h,v,JB) Och, Walewein nam blijkbaar ook de benen
18 (g,m,BH) Die ouwe ridder ging vast in de fut
19 (j,v,OvG) Waarheen? Waarom? Het gonst van de geruchten

20 (k,m,HtP) Was soms dat bloedspoor van Sir Lancelot?
21 (j,v,allen) Op dit punt moet ik wel een beetje zuchten
22 (k,m,allen) Want eigenlijk zit ik hier voor Piet Snot

23 (l,m,JB) Ik pak nog eens een whisky on the rocks
24 (m,v,BH) Mijn brein vertoeft reeds in een zoete nevel
25 (l,m,OvG) Ik haat van je, o wrede paradox
26 (m,v,HtP) In liefde plantte ik in jou die drevel

27 (n,m/v,allen) Wel, terug dan naar de boze werk'lijkheid:
28 (n,m/v,allen) Ik ben mijn liefje dus voor altijd kwijt
Alleen ingelogde leden kunnen reageren.

Samenwerksonnet XXVIII 18 mrt 2021 21:32 #22

  • Ben Hoogland
  • Ben Hoogland's Profielfoto
  • aanwezig
  • Forumgod
  • Berichten: 2577
  • Ontvangen bedankjes 1536
1 (a,v) O zoet gepeins, o zware fantasijen!
2 (b,m,FW) Zo voelt het, als het klokje negen slaat
3 (a,v,FW) Ik luister naar de mooiste melodieën
4 (b,m,JB) Terwijl ik resoluut mijn blaffer laad

5 (c,v,BH) Jouw beeltenis staat bonkend mij voor ogen
6 (d,m,OvG) Ten tijde van een woeste vrijpartij
7 (c,v,HtP) Dat jij mij met mijn broeder hebt bedrogen
8 (d,m) Wisten die lange nacht de regen, ik noch gij

9 (e,m) Ik ben vannacht ontwaakt met wilde schrik
10 (f,v,JB) O Guinevere, waar zal ik u vinden?
11 (e,m,BH) Mi lanct na di, mijn kleine stouterik
12 (f,v,OvG) Als zuiver water naar een doopsgezinde
13 (g,m,HtP) Ik trof je kousenband slechts in de hut
14 (h,v) Het hele pand weergalmde van het wenen
15 (i,m,FW) Een steek van pijn doorkliefde toen mijn hart
16 (i,m,FW) Ik schiet tekort in mijn verslag als bard

17 (h,v,JB) Och, Walewein nam blijkbaar ook de benen
18 (g,m,BH) Die ouwe ridder ging vast in de vut
19 (j,v,OvG) Waarheen? Waarom? Het gonst van de geruchten

20 (k,m,HtP) Was soms dat bloedspoor van Sir Lancelot?
21 (j,v,allen) Wat heeft een mens van mij nu nog te duchten?,
22 (k,m,allen) Mijn god mijn god, mijn kingdom voor een shot

23 (l,m,JB) Ik pak nog eens een whisky on the rocks
24 (m,v,BH) Mijn brein vertoeft reeds in een zoete nevel
25 (l,m,OvG) Ik haat van je, o wrede paradox
26 (m,v,HtP) In liefde plantte ik in jou die drevel

27 (n,m/v,allen) Met veertig graden koorts meld ik me ziek
28 (n,m/v,allen) Mij wacht alweer een droom vol dramatiek
Verba volant, scripta manent.
Laatst bewerkt: 19 mrt 2021 09:59 door Ben Hoogland.
Alleen ingelogde leden kunnen reageren.

Samenwerksonnet XXVIII 19 mrt 2021 07:15 #23

  • Hans Mooi
  • Hans Mooi's Profielfoto
  • Offline
  • Forumgod
  • Berichten: 532
  • Ontvangen bedankjes 462
Mijn complimenten voor het mooie en creatieve eindresultaat.
Echter nog één vraagje: moet 'fut'(r.18) niet 'vut'(Vervroegde UitTreding) zijn?
Alleen ingelogde leden kunnen reageren.

Samenwerksonnet XXVIII 19 mrt 2021 10:06 #24

  • Ben Hoogland
  • Ben Hoogland's Profielfoto
  • aanwezig
  • Forumgod
  • Berichten: 2577
  • Ontvangen bedankjes 1536
Dank je Hans voor de opmerking.
Je hebt gelijk. Nu volgt meteen de vraag: schrijf je vut of VUT?
Wie het weet mag het zeggen.
Met groet, Ben
Verba volant, scripta manent.
Alleen ingelogde leden kunnen reageren.

Samenwerksonnet XXVIII 19 mrt 2021 11:02 #25

  • Hendrik te Paske
  • Hendrik te Paske's Profielfoto
  • Offline
  • Zeer gerenommeerd forumlid
  • Volg Hendrik op Gelegenheidsdichter.nl
  • Berichten: 286
  • Ontvangen bedankjes 437
1 (a,v) O zoet gepeins, o zware fantasijen!
2 (b,m,FW) Zo voelt het, als het klokje negen slaat
3 (a,v,FW) Ik luister naar de mooiste melodieën
4 (b,m,JB) Terwijl ik resoluut mijn blaffer laad

5 (c,v,BH) Jouw beeltenis staat bonkend mij voor ogen
6 (d,m,OvG) Ten tijde van een woeste vrijpartij
7 (c,v,HtP) Dat jij mij met mijn broeder hebt bedrogen
8 (d,m) Wisten die lange nacht de regen, ik noch gij

9 (e,m) Ik ben vannacht ontwaakt met wilde schrik
10 (f,v,JB) O Guinevere, waar zal ik u vinden?
11 (e,m,BH) Mi lanct na di, mijn kleine stouterik
12 (f,v,OvG) Als zuiver water naar een doopsgezinde
13 (g,m,HtP) Ik trof je kousenband slechts in de hut
14 (h,v) Het hele pand weergalmde van het wenen
15 (i,m,FW) Een steek van pijn doorkliefde toen mijn hart
16 (i,m,FW) Ik schiet tekort in mijn verslag als bard

17 (h,v,JB) Och, Walewein nam blijkbaar ook de benen
18 (g,m,BH) Die ouwe ridder ging vast in de fut
19 (j,v,OvG) Waarheen? Waarom? Het gonst van de geruchten

20 (k,m,HtP) Was soms dat bloedspoor van Sir Lancelot….?
21 (j,v,allen) Wat zal ik nu de dader doen verzuchten
22 (k,m,allen) Vanaf de kille vloer van zijn cachot

23 (l,m,JB) Ik pak nog eens een whisky on the rocks
24 (m,v,BH) Mijn brein vertoeft reeds in een zoete nevel
25 (l,m,OvG) 'Ik haat van je, o wrede paradox
26 (m,v,HtP) In liefde plantte ik in jou die drevel'

27 (n,m/v,allen) Nou nee, dat lijkt me geen geschikt construct
28 (n,m/v,allen) Misschien dat het me nuchter beter lukt
Laatst bewerkt: 19 mrt 2021 17:52 door Hendrik te Paske. Reden: leestekens
Alleen ingelogde leden kunnen reageren.

Samenwerksonnet XXVIII 21 mrt 2021 17:12 #26

  • Niels Blomberg
  • Niels Blomberg's Profielfoto
  • Offline
  • Forumgod
  • Schoonschrijver
  • Berichten: 2316
  • Ontvangen bedankjes 1688
Otto, de jury wacht op je bijdrage
Alleen ingelogde leden kunnen reageren.

Samenwerksonnet XXVIII 21 mrt 2021 21:16 #27

1 (a,v) O zoet gepeins, o zware fantasijen!
2 (b,m,FW) Zo voelt het, als het klokje negen slaat
3 (a,v,FW) Ik luister naar de mooiste melodieën
4 (b,m,JB) Terwijl ik resoluut mijn blaffer laad

5 (c,v,BH) Jouw beeltenis staat bonkend mij voor ogen
6 (d,m,OvG) Ten tijde van een woeste vrijpartij
7 (c,v,HtP) Dat jij mij met mijn broeder hebt bedrogen
8 (d,m) Wisten die lange nacht de regen, ik noch gij

9 (e,m) Ik ben vannacht ontwaakt met wilde schrik
10 (f,v,JB) O Guinevere, waar zal ik u vinden?
11 (e,m,BH) Mi lanct na di, mijn kleine stouterik
12 (f,v,OvG) Als zuiver water naar een doopsgezinde
13 (g,m,HtP) Ik trof je kousenband slechts in de hut
14 (h,v) Het hele pand weergalmde van het wenen
15 (i,m,FW) Een steek van pijn doorkliefde toen mijn hart
16 (i,m,FW) Ik schiet tekort in mijn verslag als bard

17 (h,v,JB) Och, Walewein nam blijkbaar ook de benen
18 (g,m,BH) Die ouwe ridder ging vast in de fut
19 (j,v,OvG) Waarheen? Waarom? Het gonst van de geruchten

20 (k,m,HtP) Was soms dat bloedspoor van Sir Lancelot?
21 (j,v,allen) Waar is de rode draad, hoor ik U zuchten
22 (k,m,allen) Het lijkt wel een roman van Walter Scott

23 (l,m,JB) Ik pak nog eens een whisky on the rocks
24 (m,v,BH) Mijn brein vertoeft reeds in een zoete nevel
25 (l,m,OvG) Ik haat van je, o wrede paradox
26 (m,v,HtP) In liefde plantte ik in jou die drevel

27 (n,m/v,allen) En daarmee blijkt maar weer eens onbetwist
28 (n,m/v,allen) Het grote nut van een gereedschapskist
Laatst bewerkt: 22 mrt 2021 16:54 door Otto van Gelder. Reden: beter
Alleen ingelogde leden kunnen reageren.

Samenwerksonnet XXVIII 22 mrt 2021 17:37 #28

  • Niels Blomberg
  • Niels Blomberg's Profielfoto
  • Offline
  • Forumgod
  • Schoonschrijver
  • Berichten: 2316
  • Ontvangen bedankjes 1688
Dag allemaal,

Hier is het juryverslag van dit Siamees sonnet. Om te beginnen de constatering dat door plan B iedereen dubbel zo hard moest werken. Daarvoor wil ik jullie hartelijk bedanken.
Het resultaat valt me niet tegen: twee sonnetten over liefde en geweld, een middeleeuwse binnen een hedendaagse. Ik zie een innerlijke samenhang, maar de meesten hebben geconcludeerd dat het onsamenhangend is.

Frans begint heel lieflijk, maar in de middeleeuwen wordt de ik-persoon de bard die tekort schiet, en verderop staat hij ook nog voor Piet Snot.
In het heden is het al niet veel beter: hij eindigt alleen in "de boze werk'lijkheid".

Jaap introduceert het geweld in het buitenste sonnet en de middeleeuwen in het binnenste. In zijn tweede bijdrage komt drank daar nog bij. Dat zet voor een belangrijk deel de toon.
Hij concludeert tweemaal dat het plot te ingewikkeld is geworden.

Ben brengt ons twee aardige citaten, die beide iets zijn aangepast. De middeleeuwen komen tot leven met het Egidius-lied. In de middeleeuwse conclusie komt Shakespeares Richard III voorbij.
De hedendaagse ik-persoon heeft koortsdromen.

Otto geeft Bens vondst nog wat extra's met regel 12.
Ook hij mist samenhang in middeleeuwse deel, hetgeen hem doet verzuchten dat het wel Walter Scott lijkt.
In de eindconclusie gaat het niet over de inhoud, maar over het rijm.

Hendrik introduceert een bedriegende broer, een achtergebleven kousenband, een bloedende Lancelot en een drevelmoord.
De middeleeuwse conclusie rondt niet af, maar laat de lezer achter met nieuwe vragen: wie is die dader op de kille vloer van een cachot? Wat heeft hij op zijn geweten: het bloeden van Lancelot, of het verdwijnen van Guinevere?
De eindconclusie is dat de ik-persoon minder moet drinken.

Geen van de conclusies springt eruit voor mij, dus ga ik selecteren op de aardigste vondsten in jullie 8 regels. Zo kom ik op Hendrik.
Gefeliciteerd Hendrik, hierbij draag ik het stokje aan jou over.

Hieronder nogmaals het sonnet, zonder nummers en namen, maar wel met de verbetering van Hans Mooi.
Verder is er ergens in het proces verandering aangebracht in de witregels. Dat is nu hersteld.
Niels


O zoet gepeins, o zware fantasijen!
Zo voelt het, als het klokje negen slaat
Ik luister naar de mooiste melodieën
Terwijl ik resoluut mijn blaffer laad

Jouw beeltenis staat bonkend mij voor ogen
Ten tijde van een woeste vrijpartij
Dat jij mij met mijn broeder hebt bedrogen
Wisten die lange nacht de regen, ik noch gij

Ik ben vannacht ontwaakt met wilde schrik
O Guinevere, waar zal ik u vinden?
Mi lanct na di, mijn kleine stouterik
Als zuiver water naar een doopsgezinde
Ik trof je kousenband slechts in de hut
Het hele pand weergalmde van het wenen
Een steek van pijn doorkliefde toen mijn hart

Ik schiet tekort in mijn verslag als bard
Och, Walewein nam blijkbaar ook de benen
Die ouwe ridder ging vast in de vut
Waarheen? Waarom? Het gonst van de geruchten
Was soms dat bloedspoor van Sir Lancelot….?
Wat zal ik nu de dader doen verzuchten
Vanaf de kille vloer van zijn cachot

Ik pak nog eens een whisky on the rocks
Mijn brein vertoeft reeds in een zoete nevel
'Ik haat van je, o wrede paradox
In liefde plantte ik in jou die drevel'

Nou nee, dat lijkt me geen geschikt construct
Misschien dat het me nuchter beter lukt
Alleen ingelogde leden kunnen reageren.
Bedankt door: Jaap Bakker

Samenwerksonnet XXVIII 22 mrt 2021 20:44 #29

Hendrik, gefeliciteerd met jouw winnende bijdrage aan dit 28e samenwerkingssonnet. Niels dank voor je jurering en vooral voor het feit, dat je nog een aantal zinnige opmerkingen hebt kunnen maken over dit vrij onzinnige werkstuk.
Mijn idee is: dit samenwerkingssonnet en dan nog wel een dubbel van 28 regels was wat te veel gevraagd. Dat blijkt ook wel uit het gering aantal deelnemers en het feit dat plan B van Niels in werking moest treden.
Mijn conclusie is, dat we na 28 samenwerkingssonnetten er misschien een beetje klaar mee zijn. Dus Hendrik, wat ga je doen: zet je sonnet 29 op de rail of kijk je of er in de samenwerkingsvorm iets anders te bedenken valt?
Ik denk dan bijvoorbeeld aan een rondeel of een rondeau, waarbij de/één refreinregel gegeven wordt. Maar iets anders is natuurlijk ook mogelijk. Uiteraard is helemaal stoppen ook een optie. Of toch gewoon samenwerkingssonnet nummer 29.
Hendrik, succes!
Alleen ingelogde leden kunnen reageren.

Samenwerksonnet XXVIII 23 mrt 2021 22:44 #30

  • Hendrik te Paske
  • Hendrik te Paske's Profielfoto
  • Offline
  • Zeer gerenommeerd forumlid
  • Volg Hendrik op Gelegenheidsdichter.nl
  • Berichten: 286
  • Ontvangen bedankjes 437
Beste deelnemers,
Allereerst dank aan Niels voor zijn weloverwogen besluit. Ik had niet graag in zijn schoenen gestaan om hier met gezag een winnaar aan te wijzen. Maar door de aard van de opdracht heeft hij het de deelnemers (en daarna zichzelf) ook niet gemakkelijk gemaakt. Het lijkt me dat een dubbelsonnet een wat te zware opgave is gebleken, die geen vervolg verdient.

Voor een samenwerkingsgedicht zijn dit de succesvoorwaarden:
- een goede mix tussen voortborduren op een ingezette koers en nieuwe wendingen kiezen
- ruimte bieden aan de volgende deelnemer, zowel naar inhoud als naar rijmklank
- proberen aan eerder ingebrachte elementen te refereren
- inbreng van een wedstrijdelement: alle deelnemers mogen ‘slotregels’ indienen.
De sonnetvorm heeft bewezen hiervoor een goede structuur te bieden: 2 gegeven regels, en 5 deelnemers die elk 2 regels aanvullen en tenslotte een voorstel doen voor de slotregels.

Frans geeft in overweging om eens voor een rondeel, of rondeau als versvorm te kiezen. Bij een rondeau met 13 regels liggen er al 3 identieke refreinregels vast. Dan zou er ruimte overblijven voor 4 deelnemers die elk 2 regels invullen, en later de twee slotregels. Bij een rondeau hoort ook dat er maar twee rijmklanken zijn. Mijn gevoel zegt me dat deze versvorm flink wat meer beperkingen geeft dan ons vertrouwde sonnet.
Voor ik een nieuwe opgave publiceer hoor ik graag hoe jullie aankijken tegen een alternatieve versvorm voor een volgend samenwerkingsgedicht.
Alleen ingelogde leden kunnen reageren.

Samenwerksonnet XXVIII 24 mrt 2021 15:25 #31

  • Jaap Bakker
  • Jaap Bakker's Profielfoto
  • Offline
  • Forumgod
  • Berichten: 1707
  • Ontvangen bedankjes 1873
Gefeliciteerd met je overwinning, Hendrik. Het was voorwaar geen eenvoudige opgave en ik had misschien met mijn slotregels ook niet het hoofd moeten laten hangen ;)
Ik heb niet echt een mening over de vraag of we met de sonnetvorm door moeten gaan. Een rondeel lijkt me inderdaad lastig. Een schakelvorm zou wel kunnen, bijvoorbeeld een rupsband of een schakelrubayat. Dat is dan belevenis in de zin van: met zijn allen rond een kampvuurtje, iemand begint een verhaal te vertellen en dat wordt aangevuld door de volgenden binnen de voorgeschreven vorm. Een lastigheid is dan wellicht weer dat iemand er op tijd mee moet durven ophouden. ;)
Groeten,

Jaap
Laatst bewerkt: 24 mrt 2021 20:41 door Jaap Bakker.
Alleen ingelogde leden kunnen reageren.

Samenwerksonnet XXVIII 24 mrt 2021 15:54 #32

Ik vind het samenwerksonnet superleuk! (De dubbele heb ik, omdat het me te ingewikkeld leek, laten schieten.) Ik kan niet inschatten of een andere vorm een beter format biedt. Misschien het uitproberen waard?

Hendrik, je opsomming van de richtlijnen lijkt me prima. Het leuke aan een samenwerksonnet vind ik het puzzelen en balanceren, en de keuze voortborduren of wenden. Er een boeiend, puntig slot aanbreien is een superuitdaging.

Terzijde: soms denk ik, O, waarom gaat X nu zo'n onmogelijke kant op, en word dan verrast door een wending of voortborduring die ik totaal niet zag aankomen.
Laatst bewerkt: 24 mrt 2021 16:58 door Hendrikje de Koning.
Alleen ingelogde leden kunnen reageren.

Samenwerksonnet XXVIII 24 mrt 2021 17:09 #33

  • Ben Hoogland
  • Ben Hoogland's Profielfoto
  • aanwezig
  • Forumgod
  • Berichten: 2577
  • Ontvangen bedankjes 1536
Beste mededichters,

Natuurlijk is een dubbelsonnet wel een geschikte vorm!
Het hangt natuurlijk wel af hoe je eea van tevoren afspreekt.
Niels heeft dit goed gedaan maar hebben wij ons aan de opzet gehouden?

Een ander vorm die zeker geschikt kan zijn is de sonnettetteestafette*, waarbij de eindzin van a, de beginzin van b, wordt, of waarbij het distichon op een bepaalde manier terug moet komen in de volgende 2 sonnettettes. Verzin het maar, alles is mogelijk...

Van tevoren eventjes en een lengte afspreken en bij voorbeeld de afspraak maken dat de laatste eindzin weer de beginzin van het allereerste gedicht is... And Bob is your uncle!

En wat te denken van het Perzisch kwatrijn, bestaande uit vier verzen aaba, waarbij de 4 b-regels een op zich zelf staand 5e kwatrijn moeten vormen...

Genoeg om mee te spelen, dus.

*ook rondeelvormen, ollekebollekes met enige aanpassing, we zijn met z'n allen zo'n creatief stel mensen, er moet toch méér mogelijk zijn?

Hartelijke groeten, Ben
Verba volant, scripta manent.
Alleen ingelogde leden kunnen reageren.
Bedankt door: Hendrikje de Koning
  • Pagina:
  • 1
  • 2
Tijd voor maken pagina: 0.169 seconden

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Nog maar eens een sonnettenkrans (voor braadtijd zie recept)



Dagje stad

I

Zij wilde graag een dagje naar de stad
Een hoogtepuntje voor een vrouw uit Ommen
Tot burgertut met sjaal, omhooggeklommen
Ofschoon ze een Bargoense tong bezat

Zij wilde kleding uit zo’n modeblad
– Ze sloeg geen acht op mijn geërgerd grommen –
En lunchen bij IKEA. Godverdomme,
Ik had het dus bij voorbaat al gehad

Maar ja, men geeft de liefde nog een kans
En let niet op de ongezouten katten
Je hoopt op nog een laatste keertje sjans

Ze kon mijn kozen niet op waarde schatten
En schold me uit voor lul en slappe zwans
Ik lag in bed en kon de slaap niet vatten

II

Ik lag in bed en kon de slaap niet vatten
Ik voelde mij behoorlijk onbegrepen
Wanneer was ik voor ’t laatst door haar gepepen
Moe was ik van die eeuwige debatten

Waarvan allang geen vonkenregen spatte
Het liefst had ik haar strotje dichtgeknepen
Zij snorkte als een zee vol oorlogsschepen
Waarom nam ik niet nu de kuierlatten

Een droge mond, een ruwe tong van leer
Mijn bonkend hart en kouwe klamme jatten
Rondom mij ging de kamer flink tekeer

Dus stond ik op om mij te gaan bezatten
En opende een flesje Hertenheer
Met zware ogen en een kop vol watten

III

Met zware ogen en een kop vol watten
Trok ik die gouden rakkers naar mij toe
Een glas dat leek me veel te veel gedoe
De kroonkurk knalde hard zodat het spatte

Die eerste slok, het siste, niet te vatten
Dus nog een fles, ik was al minder moe
Het derde en het vierde, entre nous,
Kon ik nog op hun juiste waarde schatten

Tot flesje zeven wist ik nog het meeste
Dus nog een biertje, ik was nog niet zat
Ik proostte op mezelf en op de feesten

Waarbij we het wél leuk hadden gehad
Een halve bierkrat later zag ik geesten
Een dwanggedachte had zich postgevat

IV
Een dwanggedachte had zich postgevat
Terwijl ik mij in coma zat te zuipen:
– Ze kan de pot op, krijg nou gauw de stuipen
We blijven hier, ze heeft toch jurken zat –

Het oude waanbeeld naast de lege krat
Begon mijn dronken hersens te besluipen
Het werd dus tijd om weer in bed te kruipen
De laatste fles; ik had genoeg gehad

Ik zat rechtop en brulde zonder reden:
“Bekijk het maar, ik wil niet naar de stad
Daaraan heb ik een broertje overleden!”

Mijn vrouw schrok op en vroeg: “Wat zeg je, schat?”
Ik dacht: je kunt de pot op vanaf heden
Hier ben ik opgegroeid voor galg en rad

V

Hier ben ik opgegroeid voor galg en rad;
Ruik nog de geur van mest en kalksalpeter
Het rokend smeulen van een oude veter
Mijn brandglas was mijn allergrootste schat

De zomer kwam, het hooi lag op een zwad
De zon steeg en het droge land werd heter
Mijn leven was een kante kilometer
Met pruimenbomen langs het kerkepad

Zo draaide ik een film af van een uur;
Ik viste weer en ving de grootste ratten
Ik stookte vuurtjes achter opa’s schuur

Ik haalde streken uit, liet mij niet vatten
Een grote rekel, dat wist elke buur
Als kind al stal ik bij de boer patatten

VI

Als kind al stal ik bij de boer patatten
Ook later was ik niet zo’n fijne vent
Men vroeg - ik leverde mijn groot talent
Voor inbraak langs obscure achterplatten

Ik was niet gierig met mijn vele schatten
In hetero- en ruige homotent
Ik sloeg de kerels op hun kakement
En brak hun kanis met mijn blote jatten

Ik sloeg zo’n koek-en-zopie kort en klein
Klabakken kwamen met hun lange latten
De dreunen klonken dof over het plein

Van links en rechts kreeg ieder oplawatten
Zoals elk jaar klonk hier het schril refrein:
Zo’n stedenreisje dat wordt altijd matten

VII

Zo’n stedenreisje dat wordt altijd matten
Een borreltje teveel, een fout gebaar,
En ik zou knallen als een klapsigaar
Het rode waas: er zou weer bloed gaan spatten

Dan was er echt met mij geen sloot te slatten
– Ze kende me toch meer dan twintig jaar?
Ik kreeg het in mijn daze hoofd niet klaar
Waarom toch kon die trut dit niet bevatten? –

Mijn blaas was vol dus ging ik even pissen
Ik zag mijn ponem, krabde aan mijn gat,
Moest lachen om mijn kleine ergernissen

Dat maffe mens was eens mijn grote schat
Nu vochten wij als kwaaie zwaardwalvissen
Mijn koortsig brein was haast uiteengespat

VIII

Mijn koortsig brein was haast uiteengespat
De hersenkwabben speelden mallemolen
Een linker en een rechter: tegenpolen
In een gevecht waar niemand winst aan had

Het wrakke lichaam moe en afgemat:
Mijn lever had zich in m’n maag verscholen
Mijn tong was alweer droog als gummizolen
En proefde als een homp gebakken rat

Ik draaide nog eens op mijn linkerkant
En weer naar rechts, het was toch van de dolle
Nu voelde ik het prikken in mijn hand

Dan weer was heel mijn slijmvlies opgezwollen
Mijn lijf was tussen slaap en waak beland
Zo lag ik uren in mijn bed te rollen

IX

Zo lag ik uren in mijn bed te rollen
En zag de cijfers van de wekker vallen
Herkende echter niets van de getallen
En liet mij door de groene cijfers dollen

Het liefst zou ik dat rotte wekding mollen
En keihard op de laminaatvloer knallen
Dat ding moest zelfs mijn slechte nacht vergallen
Nou was het uit, ik liet niet met me sollen

De linkerzij maar weer, nog even wachten
Het bleef maar razen op mijn harde schijf
De slaap bleef weg, hoezeer ik het ook trachtte

Hiernaast wist ik mijn rustig slapend wijf
Zij wist niet van mijn zwaar doorwaakte nachten
Mijn benen waren moe, mijn armen stijf

X

Mijn benen waren moe, mijn armen stijf
Waarom lag ik me hier zo op te fokken
Ik had me door mijn vrouw laten verlokken
Ze had het voor mekaar, dat vuil katijf

Een streepje licht, het was een uur of vijf
Ik stond weer op en dronk nog een paar slokken
Nu was het jajem, ik had zonder jokken
Koleire van dit moordend tijdverdrijf

De stad, god nee, het moest me niet gebeuren
De bussen, taxi’s, winkels; vliegen, hollen
Bij die gedachte scheet ik zeven kleuren

Dan liever in een knijp wat uurtjes lollen
En af en toe een keil naar binnen pleuren
Het zweet brak uit, mijn nek was opgezwollen

XI

Het zweet brak uit, mijn nek was opgezwollen
Nog twee uur en dan zou de wekker gaan
Ik had nog zelfs niet één oog dichtgedaan,
Lag hier maar in mijn laken rond te tollen

Waar was de tijd dat ik gewoon kon dollen
Met tante Na, met Juul en Bé en Sjaan
Ik wou gewoon een nachtje op de baan
Ze spookten door mijn hoofd, die ouwe snollen

Maar ja, ik maak al hele lange dagen
Als plukker in een kippenslachtbedrijf
Voor weinig poen maar hoor je mij nu klagen?

Dus prik ik enkel kippen aan mijn nijf
– Niet echt, ik zit je nou op stang te jagen –
Zo’n beeld jaagt je de doodsschrik op het lijf

XII

Zo’n beeld jaagt je de doodsschrik op het lijf:
Een ouwe sok ligt tussen klamme lappen
Bekant als een makreel naar lucht te happen
Met blauwe lippen, ledematen stijf

Mijn ogen werkten als een motordrive
Ik zag nog wel de plaatjes, maar in stappen
Ik hoorde bellen in mijn oren knappen
Geratel van een wrakke dataschijf

Toen kwam de pijn. Ze kwamen met rammeien
Mijn ribbenkast aan grote gruzels mollen
Men hield niet op mijn bast te onderheien

“Genoeg! Riep ik, schei uit met zottebollen
Wanneer komt er een eind aan ’t bakkeleien!”
Ik voelde plotseling mijn aders stollen

XIII

Ik voelde plotseling mijn aders stollen
Mijn borst was zwaarder dan een molensteen
Het angstig piepen ging door merg en been
Ik voelde prikken, duwen, schuiven, rollen

Men sprak van shock en ritmeprotocollen,
‘k Zag blauwe lichten, ik was niet alleen
En vroeg verbouwereerd: “Waar gaan we heen?
Men zei: “Je krijgt een enkel ritje Zwolle.”

Toen hoorde ik: “Je bent er weer, mijn held
Je was haast kassiewijle met dat lijf
En had je laatste joetje uitgeteld;

Je wou je luiken sluiten, buiten kijf
Dus heb ik toen maar 112 gebeld.”
“Ik ben je eeuwig dankbaar, takkewijf!

XIV

Ik ben je eeuwig dankbaar, takkewijf!
Door jou kreeg ik vannacht een laatste kans
Jij belde net op tijd de ambulance
En bracht mij naar het medicijnbedrijf

Met al die plakkers op mijn bovenlijf
Maak ik voorlopig nog geen paringsdans
Eerst staat er negatief op de balans:
De kransslagaders stuk; een stent of vijf.”

Gelukkig wil de humor alweer stromen
En grijns ik naar mijn allerliefste schat:
"Terwijl ik hier op zaal lig weg te dromen

– Ik lig hier als een dooie op mijn gat –
Kun jij straks mooi een jurrekie bekomen:
Jij wilde graag een dagje naar de stad -

XV

Jij wilde graag een dagje naar de stad
Ik lag in bed en kon de slaap niet vatten
Met zware ogen en een kop vol watten
Een dwanggedachte had zich postgevat:

Hier ben ik opgegroeid voor galg en rad
Als kind al stal ik bij de boer patatten
Zo’n stedenreisje dat wordt altijd matten
Mijn koortsig brein was haast uiteengespat

Zo lag ik uren in mijn bed te rollen
Mijn benen waren moe; mijn armen stijf
Het zweet brak uit, mijn nek was opgezwollen

Zo’n beeld jaagt je de doodsschrik op het lijf
Ik voelde plotseling mijn aders stollen
Ik ben je eeuwig dankbaar, takkewijf!”