Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Met Forum, Vorm én Vent






Filips en Johanna van Castilië, Koning en koningin van Castilië 1504 – 1506 / 1555

Hij liep al tot zijn moeders ergernis
Van jongs af met een poetslap in zijn handen
En vroeg voortdurend: ‘Is die tafel fris’ ?
En: ‘Zeg eens of mijn troon wel proper is’

Men zegt wel dat hij ketters liet verbranden
En dat hij niet verschoond was als regent
Van oorlog voeren met diverse landen
Maar dit berust beslist op misverstanden

Want stiekem is bij iedereen bekend
Al staat het dan ook nergens opgeschreven
Dat hij zich slechts tot kuisen heeft gewend

Je zal ermee gezegend zijn, zo’n vent…
Het is dan ook geen wonderlijk gegeven
Dat hij zijn vrouw tot waanzin heeft gedreven

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Een onbekende vertaling van The Raven 2

 

[youtube]cLSmhpwLdEQ[/youtube]

 

 

Gelukkig is er ook nog Bob den Uyl (1930-1992), schrijver van geweldige verhalen die je niet vaak genoeg kunt herlezen, die in 1983 een boekje publiceerde: Hoe En Waarom  Edgar Allan Poe ‘The Raven’ Schreef.
Jammer is dan weer wel, dat hij dit schreef op een zaterdagmiddag, vlak voor de kroeg openging, dus in merkbare haast en slordigheid. Hij gooit er wel een erudiet klinkende verhandeling tegenaan over poëts maudit, maar dat is kul en zonder blikken of blozen beweert hij dat er, toen hij dit schreef, twee vertalingen bestonden van ‘The Raven’; één van John F. Malta uit 1887 en een van Gerard den Brabander, in 1944 gepubliceerd in een illegaal blad en waaraan hij dan een eigen vertaling toevoegt.
Ook voegt hij een vertaling bij van The Philosophy of Composition, dat hij om duistere redenen als oorspronkelijke titel How I wrote The Raven meegeeft, wat vaak abusievelijk nog steeds zo aangehaald wordt.
In elk geval blijkt hij de eerste vertaling van Jacob van Lennep niet eens te kennen (wel weet hij te melden dat er nog een vertaling van M.L. Huizenga heeft bestaan die verdwenen is, waarschijnlijk verdonkeremaand door Den Brabander, die redacteur was van het blad waar Huizenga zijn vertaling heen stuurde en waarin Den Brabander zijn eigen versie plaatste). 
Een grondig onderzoek, samen met René van Slooten, in de Koninklijke Bibliotheek had ze beiden kunnen leren dat daar in elk geval nog een onuitgegeven manuscript van Herman Jan Robbers (1868-1937) ligt met een vertaling van ‘The Raven’ en ook het bestaan van een vertaling in een pamflet van Gerrit Berend Kuitert (1855-1927)  uit 1899 was dan vast niet aan hun aandacht ontsnapt.
Eens kijken, dat brengt het totaal tot nu toe al op vijf.
En omdat de tijd niet stil staat zijn daar inmiddels nog een aantal bijgekomen.

Lees meer...

Koop koop koop