Het vrije vers

Bevrijd van vormloosheid

Omdat light verse lééft






Filips en Johanna van Castilië, Koning en koningin van Castilië 1504 – 1506 / 1555

Hij liep al tot zijn moeders ergernis
Van jongs af met een poetslap in zijn handen
En vroeg voortdurend: ‘Is die tafel fris’ ?
En: ‘Zeg eens of mijn troon wel proper is’

Men zegt wel dat hij ketters liet verbranden
En dat hij niet verschoond was als regent
Van oorlog voeren met diverse landen
Maar dit berust beslist op misverstanden

Want stiekem is bij iedereen bekend
Al staat het dan ook nergens opgeschreven
Dat hij zich slechts tot kuisen heeft gewend

Je zal ermee gezegend zijn, zo’n vent…
Het is dan ook geen wonderlijk gegeven
Dat hij zijn vrouw tot waanzin heeft gedreven

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Verlichting



Als jonge zoeker werd ik kloosterling,
En las godvruchtig boeken, hele nachten,
Totdat een monnik mij daar bruut verkrachtte,
Waardoor de lust voor godsdienst mij verging.

Toch vond ik ongemerkt, door al die pijn,
De kennis waar religies één in zijn.