Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Met Forum, Vorm én Vent



Subject van menig mooi gedicht: de vrouw
Heeft vaak haar luimen of ze speelt de dame
Ze rookt in huis, dus sta jij in de kou
Je bent een lul en zegt op alles amen

Ze zeurt wat af, zo’n volgevreten meid
De hele dag niets anders dan gekijf
Waarom aan haar de poëzie gewijd?
Aan haar, zo’n dik en te veel drinkend wijf?

Wat moet je toch, met zo’n ellendig mokkel
En toch… Je zet haar steeds weer op een sokkel!

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Het is me allemaal wat, zo'n Gedichtenweek



De Gedichtenweek komt eraan en het Poëziegeschenk is een dun boekje met, alsof het niet op kan, maar liefst 15 (jawel; vijftien, waar haalt hij de energie vandaan!) vormvaste gedichten van
Ilja Leonard Pfeijffer. En niet zomaar gedichten, maar een echte Sonnettenkrans.
Daar deed hij naar eigen zeggen een maand over, dus dan kun je wat verwachten.
Het wordt dan ook ronkend als volgt aangekondigd:


“Giro giro tondo
 uit de titel verwijst naar de beginregel van een Italiaans kinderliedje- is een in vormtechnisch opzicht niet eerder vertoonde gedichtencyclus in de Nederlandstalige literatuur. Het is een volledig aan alle strenge regels gehoorzamende sonnettenkrans, een uitermate complex en moeilijk sluitend te krijgen geheel van vijftien sonnetten.” 
Trots bevestigt de dichter in een interview in de Volkskrant dit opzienbarende gebrek aan kennis.

Uitermate complex? Moeilijk? Niet eerder vertoond?
In 1898 schreef Jeanne Reyneke van Stuwe al een sonnettenkrans (http://rond1900.nl/?p=20584 )
En we noemen ook maar even F.L Bastets sonnettenkrans Koning van Rome, gepubliceerd in Gedichten 1960, later opgenomen in Catacomben.  En Wiel Kusters en Huub Beurskens met twee sonnettenkransen (In duizend kamers, Meulenhoff 2006). En zo zijn er meer.
En uiteraard het sonnettenraam van Drs. P, met een grotere moeilijkheidsgraad (want zo’n kunst als de borstklopperij van Pfeijffer doet vermoeden is het niet - en een maand 'fulltime'  hieraan werken veroorzaakt een hol en honend gelach in de burelen van Het vrije vers) bestaande uit veertien sonnetten, waarin de beginregels samen het uitgangssonnet I vormen, en de eindregels het slotsonnet XVI.

Een oordeel over de sonnetten kan ik nog niet geven (eerst een bundel van mezelf kopen om het Geschenk in ontvangst te nemen), maar Ilja Pfeijffer heeft in het verleden al eens aangetoond vormvast te kunnen werken met een zeer geslaagde parodie op de Vaderlandse Rijmkronieken van Rawie en Van Wissen in de NRC. 
Maar dat was simpel aabbcc-werk.
In het interview in de Volkskrant zegt hij enkele verstandige dingen over vormvaste poëzie ( "De vorm moet onopvallend worden, natuurlijk ogen"(...) "Vormvaste verzen zijn de avant-garde van heden": welkom in de club, maar eerst de wind van voren Ilja) en i
n het voorbeeld in de Volkskrant (sonnet 8)  toont hij in staat te zijn vormvast te werken met behoud van de levendigheid in de zinnen, dus er is hoop.
Maar helaas: met het rijk rijm in de niet bepaald natuurlijk ogende zinnen De vaas van oma wankelde vervaarlijk/Het stille mes werd bijna nog gevaarlijk in dit sonnet is zijn avontuur al mislukt. 

En afgezien van dit alles: niet alleen is zijn sonnettenkrans helemaal niet de eerste, ook als boekenweekgeschenk is het niet origineel! 


Nog maar twee jaar geleden bestond het Alternatieve Boekenweekgeschenk uit, jawel, drié sonnettenkransen.
Hier klikken en je krijgt het gratis en voor niets nóg een keer. Zo zijn wij van Het vrije vers, als het ons ook niets kost.

En laat je niet imponeren door holle frases; vijftien sonnetten, dat is niets.
100.000.000.000.000 sonnetten: dan heb je pas wat.
Vooruit, die geven we óók gratis weg: hier klikken en je bent de rest van je leven bezig.

 

 

Koop koop koop