Het vrije vers

Bevrijd van vormloosheid

Omdat light verse lééft



Asperges zijn bekend als Limburgs Goud.
Met ham en boterjus, dat wordt dus smullen.
(“Uw glas, zal ik het snel nog even vullen
Gewürztraminer, koeltjes, maar niet koud?”)

In’t voorjaar zagen wij ze steady groeien,
In heuvels, in zo’n wafeltjes-patroon.
En opa, neef en Pool liepen gewoon
Des ochtends vroeg met steekmesjes te stoeien.

Nu zien wij ’t loof met witte bloempjes bloeien.
De blaadjes zijn zo teer, zo heel ragfijn.
(’t Loof siert een bos chrysanten of jasmijn)
Een onderwerp dat ons toch flink kan boeien!

Maar wie de besjes eet, die maakt een fout!
Creperen zul je en uiteindelijk sterven,
In elk geval veel levensjaren derven,
Dat hebben heel veel lieden al berouwd!

Asperges zijn bekend als Limburgs Goud.
In’t voorjaar zagen wij ze steady groeien,
Nu zien wij ’t loof met witte bloempjes bloeien.
Maar wie de besjes eet, die maakt een fout!

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Het gedicht


(Caspar David Friedrich, 1835, Herfst)

Hoge bomen aan het water
neigen zwijgend in de wind.

Donk're bossen, wijdse heiden,
liggen stiller, zonder zon.

Regen veegt verstoorde sporen
van de langbegane laan.

Stormen vormen kwade dagen,
kraaien waaien uit hun huid.

Oude houten kromgetrokken
struiken buigen tot de grond.

Grijze zwijnen, samengaande,
zoeken voedsel als het kan.

Op de grond, de vele beestjes
zijn verscheiden, afgemat.

Witte vissen onder golven,
in de kilte trager gaand.

Buiten luiden gakgezangen,
tomen vogels trekken weg.

Langverwachte keuren kleuren
maken blaad'ren wondermooi.

Voel de koelte van de nachten,
binnen is het heerlijk weer.

Lekker herfstig zijn de tijden,
witte winter gonst z'n komst.

Bundels