Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Met Forum, Vorm én Vent

Een sympathieke, Vlaamse import-Brit,
Die Tommy Simpson, die per se wou slagen
Een renner met talent, geschraagd door pit

Hij dorst de concurrentie uit te dagen
En was niet bang zijn lichaam pijn te doen
Ook kon hij het gewicht van koersen dragen

In Spanje werd hij wereldkampioen
En Nice, San Remo, Lombardije schonken
Hem net als Vlaanderen hun winnaarszoen

Zijn lot is op de Mont Ventoux beklonken:
Gaf doping hem de dodelijke douw
En had hij ook te veel cognac gedronken…

Het wielervolk was even diep in de rouw
Toen trouwde Barry Hoban Simpsons vrouw

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Moeder en kind (Sestina)



Al liggend in zijn bed vraagt moeders kind
Naar vogels, bloemen, bijen. Ouder
Zijnd en beter wetend hoe de wereld
In elkaar steekt vangt zij aan te liegen
Over mannen, vrouwen, kinderen, liefde.
En bovenhoofds vliegt slaap en dood.

De moeder praat van samen, en de dood
Waakt met de wind en sluier over ’t kind
Dat, wijd opkijkend, nadenkt over liefde
En hoopt dat het ooit ouder
Worden zal—niet meer te hoeven liegen
Over monsters, koektrommels. Zijn wereld.

De nacht valt vlak over de stadse wereld
Buiten de zolder. Zon stierf weer een dood
En laat zijn zuster binnen voor hem liegen—
Een straal verlicht het ledikant en kind
De vrouw ernaast spreekt als bezorgde ouder
Over de zin, het wezen van de liefde.

Maar knijpt een hand, weet ‘dit is liefde’,
Dat zonder god mijn kleine wereld
Doordraait; óók zelfs zonder ouder.
Ze praat, verzint en bant de dood
Weg uit haar leven en haar kind,
Want anders wordt ze gek—het liegen

Tussen moeder en zoon is geen liegen.
De natte kruimels, beddegoed en liefde:
Daarmee wordt de sterkste man weer kind.
De vrouw is veertig. In de wijde wereld
Is voldoende smeerboel tegen dood
En zonder spiegels word je amper ouder.

Het kind zakt weg. Nog vijf minuten ouder
Kijkt zij dan naar haar kind. Geen liegen
Sterker dan de nacht, de duisternis, de dood.
Misschien, denkt zij, ben ik waarin de liefde
Uitblinken kan—is dat het licht der wereld
Het moet—niets mooier dan mijn kind.

Geen mens wordt ouder van de liefde.
Het liegen maakte lelijk als de wereld.
Schoon is de dood, onschuldig was het kind

Koop koop koop