Het vrije vers

Bevrijd van vormloosheid

Omdat light verse lééft

Het kastenstelsel viel me heel erg zwaar
Hoe dikwijls ik wel niet was weergeboren!
Het ene leven was nog amper klaar
Of hup, een nieuwe opdracht was al daar
Een hindoe moet altijd weer zien te scoren

Eens deed ik als brahmaan* iets van me horen
Ik was als sudra zes maal de sigaar
In dertien paria’s ging ik verloren
Kshatriya, twee maal, kon me niet bekoren
Als vijf vaishya’s was ik sjacheraar

De goden zullen mij niet meer gelasten
Als speelbal in hun valse flipperkasten



* Brahmanen (priesters); Kshatriya’s (edelen en soldaten; Vaishya’s (kooplieden); Sudra’s (dienaren); Paria's (onaanraakbaren)

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Filips de Schone & Johanna de Waanzinnige






Filips en Johanna van Castilië, Koning en koningin van Castilië 1504 – 1506 / 1555

Hij liep al tot zijn moeders ergernis
Van jongs af met een poetslap in zijn handen
En vroeg voortdurend: ‘Is die tafel fris’ ?
En: ‘Zeg eens of mijn troon wel proper is’

Men zegt wel dat hij ketters liet verbranden
En dat hij niet verschoond was als regent
Van oorlog voeren met diverse landen
Maar dit berust beslist op misverstanden

Want stiekem is bij iedereen bekend
Al staat het dan ook nergens opgeschreven
Dat hij zich slechts tot kuisen heeft gewend

Je zal ermee gezegend zijn, zo’n vent…
Het is dan ook geen wonderlijk gegeven
Dat hij zijn vrouw tot waanzin heeft gedreven