Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Met Forum, Vorm én Vent



De lokroep van de waterkant
Kon ik niet meer weerstaan
Ik kocht een hengel en een pet
En zou uit vissen gaan

Ik nam voldoende leeftocht mee
Een koelbox Belgisch bier
En vissalade à ma femme
Een palingworst of vier

Ik vond in Asselt aan de Maas
Meteen een fijne stek
En werd reeds gretig opgewacht
Door vis met grote trek

Zes snoeken vlogen in mijn kruis
En beten stevig door
Net als de baarzen aan mijn lip
De glasaal in mijn oor

Ze snapten niet wat bijten is
Al legde ik het uit
Zo maakte mijn gedroomde vangst
Hun hengelaar tot buit

Ik heb het trauma stil verwerkt
Mijn wonden zijn gelikt
Maar voor de sport die vissen heet
Zijn vissen niet geschikt

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Een deerne (Synoniemrijm)



Subject van menig mooi gedicht: de vrouw
Heeft vaak haar luimen of ze speelt de dame
Ze rookt in huis, dus sta jij in de kou
Je bent een lul en zegt op alles amen

Ze zeurt wat af, zo’n volgevreten meid
De hele dag niets anders dan gekijf
Waarom aan haar de poëzie gewijd?
Aan haar, zo’n dik en te veel drinkend wijf?

Wat moet je toch, met zo’n ellendig mokkel
En toch… Je zet haar steeds weer op een sokkel!

Koop koop koop