Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Met Forum, Vorm én Vent



Mijn leeftijd wordt zo zoetjes aan een straf
En brengt me van de drup in koude regen
Het lichaam takelt onrustbarend af
En uit mijn mond en oksels stinkt het laf
Ook heb ik ouderdomseczeem gekregen

Ik kan me slechts per looprek voortbewegen
Sinds ik heb moeten scheiden van mijn Daf
Een goed glas bier, ik kan er niet meer tegen:
Mijn blaas die ik beschamend vaak moet legen
Is erger dan een lekkende karaf

Mijn vrouw houdt haar verbale knuppel klaar
Want zij heeft van mijn kwaal de meeste last
Dus, heb ik weer eens naast de pot geplast
Dan hoont ze mij als vieze druppelaar

 
 
 
 

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

De glimworm en de pad

Dag jongens en meisjes, laatst kwam ik een aardig werkje tegen van Jacob van Lennep en daar heb ik een antwoord bij geschreven.
Het origineel is uit: Vertalingen en navolgingen in poezy (1884)

DE GLIMWORM EN DE PAD
Een fabelVonk'lend door het loverduister,
Zelf onkundig van haar luister,
Licht-ster van de klavergrond,
Doolde een glimworm in het rond.
Uit het zwabbrig slijm gekropen,
Stort een pad, met vuil bedropen,
Op die fel gehate schijn
't Onweerstaanbaar moordvenijn.
‘Waarom doodt in arren moede,
Waarom doodt mij uwe woede,
Daar 'k u nooit beledigd had?’
‘Waarom licht gij?" bromt de pad.


DE GLIMWORM EN DE PAD
Een antwoord

Stinkend uit de diepste poelen
Onbewust van diep bedoelen
Slijmrig en van binnen goor
Sprong een pad de tuinpoort door.
Hij had juist met volle longen
Kworkend luid zijn lied gezongen;
Wordt zijn vel in twee gespleten
Door een glimworm aangevreten.
‘Kleine glimworm waarom bijt ge
Vleesbedervend giftig zijt ge
Mij de kikkerbillen blauw?’
‘Lieve pad, ik lust je rauw!’



ill: Baron van Hippelepip(1917)–Mien Visser-Düker

Koop koop koop