Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Met Forum, Vorm én Vent



Het is nu wetenschappelijk bewezen
Wat elk weldenkend mens al langer wist
Het Limburgs is als toontaal onbetwist
Verfijnder dan de spraak zelfs van Chinezen

Heel Holland zoekt in Limburg therapie
Voor uitspraak met de juiste melodie

Onderzoek wijst uit dat Limburgers toongevoeliger zijn dan Chinezen



Hier is de stilte even aan de macht

Geen mooier revolutie dan de nacht
waarin de sneeuw besloten heeft om zacht
de wereld zonder woorden in te lijven

Het schijnt dat diepe sporen langer blijven
op plaatsen waar geen indruk wordt verwacht

Geen mooier zin om wit op wit te schrijven:
Hier is de stilte even aan de macht



Het nieuwe jaar, in nevelen gehuld -
Eén dag nog, dan is januari klaar
Die nevel is nu echt wel opgetrokken

En je agenda heeft zichzelf gevuld
Je weet het wel: zo gaat het jaar na jaar
De tijd gaat op aan hogere belangen

Geen tijd meer om nog te gaan zitten mokken
Want elke afspraak is je eigen schuld:
Je maakt ze zelf, dus kiezen op elkaar

Toch wil zo'n lege bladzij wel eens lokken
Dan word je door een vreemd gevoel bevangen
En denk je: Was ik maar voor altijd vrij...

Daar moet je niet te lang in blijven hangen
Want dan is februari ook voorbij



De dood en de belasting. Staan die vast?
De dood is straks een achterhaalde notie
die zich, dankzij de nieuwe kloonpromotie,
niet langer aandient als gevreesde gast.

Een prachtstunt, enkel nog te overtreffen
door klonen die de tax op kunnen heffen.



Een mededeling voor de oude wijk;
Er moest nu nodig een rotonde komen
De kosten waren goeddeels voor het rijk
De plaats bepaald, ten koste van wat bomen

Er werd dus een vergadering belegd
-Men had bezwaren tegen de rotonde-
Want, werd door tegenstanders ook gezegd
Die bomen rooien was toch eeuwig zonde

Maar de bijeenkomst had geen happy end
Tot woede van de vele buurtgenoten
En men heeft machteloos het feit erkend
Dat de gemeenteraad al had besloten

De wijkagent was stil en zei alleen;
Rotondes, sja, je kunt er niet omheen



Homeopathica?
Kwakzalverij, mijnheer!
Zelden bevorderlijk
Voor het herstel

Neem nou zo'n middel als
Oscillococcinum
Had je de griep niet
Dan kreeg je hem wel



Tien jaar geleden werd de blauwbilgorgel  65 jaar en dat ging niet onopgemerkt voorbij.
Er waren feestelijke toestanden en uitgeverij Liverse bracht een bundel uit met nieuwe gorgelrijmen, gemaakt door  een keur van plezierdichters.
Er verscheen zelfs een boek met de geschiedenis van het vers (Raban! Raban! Raban!) van Wim Huijser en Peter de Roos.

Het verhaal is bekend: begin 1943 schreef Buddingh’ het vers tijdens zijn verblijf in het sanatorium in Soest.
Maar nu de blauwbilgorgel dit jaar de leeftijd van 75 bereikt wordt het tijd eens stil te staan bij de vraag wanneer het voor het eerst gepubliceerd werd.
Daar wordt over gestreden: was het in het tijdschrift De schone zakdoek? Of was het eind 1944 in een illegaal gedrukte bundel met andere gorgelrijmen?
Het antwoord luidt: geen van beide.
Het verscheen voor het eerst in druk in het satirische nazi-tijdschrift De Gil.

Vreemd genoeg wordt deze publicatie gewoon vermeld bij de discussies, maar wordt gedaan of dit niet meetelt. Maar het is toch echt niet anders.
De schone zakdoek was een surrealistisch ‘tijdschrift’ waarvan maar één handgemaakt exemplaar bestond, geredigeerd door Theo van Baaren en Gertrude Pape. Bezoekers konden het bij Gertrude thuis inzien. Er werkten meerdere kunstenaars aan mee, maar sorry, dat is geen publicatie en geen tijdschrift.
Ook Buddingh’ noemde altijd het illegale boekje uit 1944 de eerste publicatie.
Maar dat was ná de publicatie in De Gil.
Hoe zit dat?

De Gil was een humoristisch tijdschrift dat zich voordeed als anti-Duits, maar vol zat met slimme nazi-propaganda. Erachter zat de Abteilung Activpropaganda en het werd vanaf het vierde nummer voornamelijk volgeschreven door W.M.H. van den Hout.
Beter bekend als Willem Waterman en Willy van der Heide (van de Bob Eversserie) en vader van de getalenteerde lightversedichter Paul van den Hout.
Op 15 september 1944 verscheen het nummer waarin Willem Waterman de beroemde  en door hem bedachte term ‘dolle dinsdag’ introduceerde.
En in datzelfde nummer stond ‘De blauwbilgorgel’.
Volgens De Gil ingezonden door ene ‘Charles’.
Hans Renders zegt hierover in een artikel in de dbnl: “Het zal altijd de vraag blijven in hoeverre Kees Buddingh' slachtoffer was van de onduidelijke positie van De  Gil of dat hij er gebruik van heeft gemaakt. Met een begeleidende brief, ondertekend met de naam Charles, stuurde hij zijn gedicht ‘De Blauwbilgorgel’ in. Hij kreeg er de Professor Gil-Prijs voor. Volgens Buddingh' zelf was zijn poëzie bij de Abteilung Aktivpropaganda terechtgekomen nadat de Gestapo een inval bij Jaap Romijn had gedaan, drukker van clandestiene boekjes in Utrecht.”



De suggestie dat Buddingh’ het zelf inzond lijkt vergezocht en er is geen bewijs voor. Deze ‘Charles’ schrijft in de begeleidende brief volledig in de stijl van Willem Waterman, dus dat hoeven we niet serieus te nemen.
De oproep in oktober 1944 in het radio-programma van De Gil aan de schrijver zich bekend te maken, om prijs en honorarium in ontvangst te nemen, doet vermoeden dat Willem Waterman ook niet wist wie de auteur was.
Hoe kwam hij dan aan het gedicht?
Die inval in die drukkerij? Daar zou het boekje gedrukt worden en werden de drukproeven in beslag genomen (en de twee drukkers doodgeschoten) en het zou pas later elders daadwerkelijk gedrukt worden. Maar dat de Gestapo ‘De blauwbilgorgel’ - wat niet meer dan een vreemd vers zou zijn in hun ogen -  zou doorspelen aan de Abteilung Aktivpropaganda klinkt tamelijk ongeloofwaardig en onzinnig. Het had niets anti- of pro-Duits.
De schrijvers van Raban! Raban! Raban! nemen dit wel aan en winden zich op over Willem Waterman, die over de rug van twee doodgeschoten drukkers propaganda bedreef.
Maar zijn eigen verklaring tegenover Adriaan Venema in 1978 klinkt plausibeler: “Ik heb de gedichten gekregen van Gabriël Smit. Die kwam ik in Hilversum in de radio-studio’s tegen. Heb jij misschien wat kopij voor De Gil? vroeg ik. Ja, hij had wel wat, zei hij en hij bezorgde me die gedichten”.

Gabriël Smit was een bekende en na de oorlog gevierde katholieke dichter. Dat hij Willem Waterman kende en op niet-onvriendschappelijke voet met hem omging was niet vreemd: hij was lid van de Kultuurkamer en verklikte niet-leden (die niet meer mochten optreden) die illegaal bij elkaar kwamen om hun werk voor te dragen, aan de Duitsers. Zelf liet hij illegaal boekjes van zichzelf drukken en kon na de oorlog claimen dat dat iets met het verzet te maken had en was dus aan alle kanten gedekt.

En hij was de man die voor De schone zakdoek als koerier optrad. Hij bezorgde het werk van de medewerkers bij Theo van Baaren en Gertrude Pape en kende dus de gorgelrijmen van Buddingh’ die daaraan meewerkte.
Toch aardig dat hij zijn naam niet verklapt heeft toen hij Willem Waterman dit kleine genoegen deed.
Maar hoe het zij: dat was de eerste publicatie. Het verklaart ook waarom de blauwbilgorgel zo snel populair werd in het hele land, want De Gil had een ongekend hoge oplage van 150.000.
En Willem Waterman had gelijk dat hij meteen zag dat het aan Lewis Caroll doet denken en niet aan Heine of Morgenstern, zoals vaak beweerd wordt.


Het hele artikel met de ingezonden brief van 'Charles' kun je hier lezen:





Ach ja... toen zij nog pas verkering hadden
Greep Pieter Alie steevast bij haar lurven
Vandaag de dag zou hij dat niet meer durven
Nog zelden pakt hij Alie bij haar kladden

Wanneer hij nu alleen maar wijst naar Alie
Krijgt hij van haar meedogenloos vanonder
Een akelige rotschop voor zijn donder
En geeft zij hem hardvochtig op zijn falie

Is dat nog niet genoeg geweest krijgt Pieter
Ten slotte snoeihard op zijn sodemieter



Een knappe kroet te Hilversum
was bijna altijd in zijn hum.
Maar kreeg hij onverwachts een pluim,
dan schreeuwde hij in slechte luim:
“Ik pronk met eigen verenkleed
Dus steek die veer maar

(Speciaal voor Kick van der Veer)



Verdronken, uitgeknepen, opgehangen
Gespiest, gesmoord, gevild, gevierendeeld
Gekooid, gekerkerd, ritueel gekeeld
Onthaald op urenlange kerkgezangen

Zoals u ziet, voor ketters volop keus
Gelovigen zijn uiterst genereus



Drie maal is scheepsrecht, toch!
Ook bij het huwelijk
Bingo, ik stapte opnieuw
In de boot

Antwoordde luid voor mijn
Sologamieakte:
Ja, ik bemin nu mijzelf
Tot de dood



Van 25 t/m 31 januari is het poëzieweek. In Zeeland wordt die week opgefleurd door een Zeeuws poëzieweekgeschenk. Anne-Marie Maartens en ik hebben een Zeeuwse sonnettenkrans geschreven (met een drempelsonnet door Frans Woortmeijer). Als je in een Zeeuwse boekwinkel iets ter waarde van 10 euro koopt, dan krijg je dit geschenk gratis en wel.
http://www.basjongenelen.nl/wp-content/uploads/de-hemel-strooit.jpg



Een ware confrontatie met het leven
De dood, de liefde, drankzucht en verraad
Geen zucht die aan de biograaf ontgaat
Hij heeft het van begin tot eind beschreven

Gemiddeld duurt een leven tachtig jaar
Dus doet u mij de samenvatting maar



Westerstormschadeleed
Rampspoed in kikkerland
Inzamelacties
Ontspruiten reeds vlug

Afrika schittert in
Algoedertierenheid
Zo krijgt ons landje zijn
Knuffels terug



Mooi anekdoteweer!
Storm boven Nederland
Rugwind of tegenwind
Ben ik de baas

Maar op het veer, door mijn
Zijwindgevoeligheid
Vloog ik met e-bike 
En al in de Maas!



Probleemgeval
Het onderlijf
De ligging is
Centraal

Vakkundige
Beoordeling
Voert Linea
Rectaal



Laatst sprak een korenwolf te Mheer:
'Ik ben bevoorrecht door de Heer
die mij beschermt per mensenwet.
Als ik Hem dank in mijn gebed
stroomt door mijn hart een vreugdegolf.
Ik ben een uitverkorenwolf.'

In verband met de wet op de privacy geen plaatje bij dit versje,
maar moet je hier eens klikken: Halleluja!

Hel en verdoemenis!
Roerend in beeld gebracht
Misbruik, mishandeling
Lustmoord en roof

Vaak slaat een boef door zo'n
EO-succesformat
Helemaal door naar
Het ware geloof!



Eindelijk mag het dan!
Stadiontoegangsrecht
Wat een erkenning dat
Ik hier kan staan

Kijken naar mannen in
Zweetabsorberende
Kleding stond lang op mijn
Lijst bovenaan



De krant meldt de ware reden voor dit hoogbegeerde privilege: 'De kroonprins (van Saoedi-Arabië) begrijpt de marketingwaarde van vrouwensport', zegt Mahfoud Amara, hoofd sportwetenschappen aan de Universiteit van Qatar. 'Het kan het koninkrijk in het buitenland promoten, ook als geloofwaardige partner, en het conservatieve imago van het land verzachten.'



Door Godsgeloof en onderdanigheid
Was Kniertje tot het allerergst bereid
Wie geeft haar laatste kind nou aan de zee
Zelf had ze geen benul van klassenstrijd

Ze douwde hem nog zilver in z’n oren
Maar Barend wilde van geen zeereis horen
Hij wou niet met de Hoop van Zegen mee
De bangerd had zijn leven al verloren

De storm sloeg half de haven naar de donder
Het dorp bad stil en hoopte op een wonder
Een lijk spoelt aan: de vis wordt duur betaald
De Hoop van Zegen werd tot wrakke vlonder

De reder die zijn centen zat te tellen
Werd mens door met de waterschout te bellen
De vissersvloot ging naar de ratsmodee
Daar had het dorp nog heel wat mee te stellen

Wie geeft haar laatste kind nou aan de zee
Hij wou niet met de Hoop van Zegen mee
Een lijk spoelt aan: de vis wordt duur betaald
De vissersvloot ging naar de ratsmodee

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Graalroman II

Ik heb hem nu al meer dan veertig jaar
Toen werd ik in een sekte ingewijd
En kreeg hem van een ex-vrijmetselaar

Die jaren deze sekte had geleid
Maar voelde dat zijn stervensuur nu kwam
Vlak voor hij stierf kon hij nog net dit kwijt:

‘De Graal, die ik de Opperraad ontnam
Was ooit door hen gestolen van een Ier
Gekleed in een habijt met monogram

Hij was, zo bleek hieruit, een Tempelier
Hij brulde na de diefstal nog: ‘Geef hier!’

 

Koop koop koop