Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Met Forum, Vorm én Vent



Wie claimt er wat nu weer?
Stront aan het boekenfront
Enkel een vrouw snapt wat
Moederschap is

Denk je dat Nijhoff het
Moederdevrouwsonnet
Zelf heeft geschreven?
Dan heb je het mis



Och, waar ik mij ook heen spoed
Naar strand, naar duin of bos
Vandaag ben ik de klos
De file is gemeengoed



Wordt het de oma- of de waterfiets?
De juiste keuze blijft een lastig iets.
Ik zit er ieder jaar weer mee, want
mijn tweede huisje staat in Zeeland.



Ze leek zo poeslief en zo zacht
Haar huid leek wel een perzikvacht
Maar werd de geest over haar vaardig
Dan werd ze kattig en boosaardig



Ik pas heel goed op mijn gebit
en snoep allang geen zuurtjes meer.
Wel wil ik me een enk'le keer
te buiten gaan aan wat zwartwit.



Al dat geploeter met de sinus
Gesteggel met de plus en min
In wiskunde zag ik geen zin
Het resultaat: een 4, plusminus



Wie zonder plus of min te wegen oordeelt
Wordt heel gemakkelijk terecht gevloerd
Met zaken die hij zelf heeft aangevoerd
Of minstens één geweldig tegenvoorbeeld

 

Iets duidelijker: een Tegendeel is een versje waarvan het laatste woord  twee of meer woorden bevat die elkaar tegenspreken



De delen staan afzonderlijk
Maar dat is juist zo wonderlijk
Want samen, zegt de dichter snedig
Zijn vol en leeg toch echt volledig

 

(tegendeel: versje dat afsluit met een woord dat uit twee woorden bestaat die elkaar tegenspreken)



De wereld hangt van rampen aan elkaar
Ze wordt geleid door mannen met raar haar
Het arme domme volk
Valt in zijn eigen dolk
De vrede blijft voortdurend in gevaar


*Enige gelijkenis met een limerick berust op louter toeval



Voorbijgestreefd door de technologie
Computers die je hele leven meten
Door plaatsbepaling en biometrie

Alexa wil van alles van je weten
Cortana vult je zinnen foutloos aan
En Siri helpt je niks meer te vergeten

Het brengt een schijnbaar zorgeloos bestaan
Maar durf je nog wel spreken of bewegen
Als Google je gedachten op kan slaan?

De een ziet augmentation als een zegen
Een ander voelt een vlaag robofobie
Hoe houden we de datamachten tegen?

Een kleine troost in deze dystopie:
Zo'n robot snapt geen woord van poëzie



Ik weet niet waar mijn bitcoins zijn gebleven
En ook nog door een eigen stommiteit
Want in een zucht van onbedachtzaamheid
Heb ik mijn wallet-code overschreven

De schade die dat incident mij gaf
Neemt wel door koersverval gestadig af



Milieuproblemen vallen zelden mee
Maar naast de grote kosten zijn er baten
Zo ligt er zoveel plastic in de zee
Dat ik m'n krokodil wel thuis kan laten



Op naar de Kaukasus!
Dieren in overvloed
Wordt het de kogel
Of toch het transport?

't Schijnt dat de Russen met
Oostvaardersplassenhert
Zeer creatief zijn
Vooral op hun bord



Aan het strand van Scheveningen
als het warm is - zeg maar: heet -
dan gebeuren nare dingen:
zwaar geval van dierenleed.

Honden in de hete auto
dat vindt niemand in de haak,
maar met uilen op de foto
is onschuldig volksvermaak?

Nergens schaduw om schuilen.
Dorstig, uitgedroogd en moe.
Houdt u van gebraden uilen?
Ga naar Scheveningen toe.

Nee, met dierenlevens spelen
is geen koosjer volksvermaak.
Mocht u zich nogal vervelen,
ga dan naar een speelgoedzaak.



Stress in het Sauerland!
Man hoort zijn vrouw niet meer
Zij belt een arts
Want hun reis is verpest

‘Das sind erschreckliche
Ceruminalpropfen!’
Zij is in tranen
Maar hij vindt het best



De heffing op het staal is ongekend.
Het kost de partners wereldwijd miljarden
en zal de handel onderling verharden,
want fikse tegenacties staan gepland.

Ook voor Europa is de maat nu vol.
Dus opgepast voor spijkerbroekentol!



Beeld en gelijkenis?
Zijn we een afgietsel?
Schiep God de mens
Die moest zijn zoals Hij?

Dat noem ik mazzel zo’n
Evenbeeldwaardigheid:
Ik ben de knapste
Dus Hij lijkt op mij!




Altijd de schaduwkant!
Zielige Maalderink
Ik zou voor brons gaan
Maar pakte het goud 

Bert stond al klaar met een
Lullificatievraag:
Geen derde plek dus
Maar wat ging er fout?



Ik zeg: Sta op mannen!
Wat denkt dat vrouwvolk wel?
Wij kunnen óók
Fiere Free-bleeders zijn!

Toon dus de vlek van uw
Hemorroïdenbloed!
Ik zeg: Sta op!
Zitten doét al zo’n pijn!


Menstruatie staat deze dagen in het zonnetje, dus veel aandacht voor de Free-bleeders, vrouwen die 'de natuur hun gang laten gaan' en trots met een rode vlek in hun kleding rondlopen tijdens deze feestdagen. Ze staan bij veel mensen in een kwade reuk. Misschien omdat ze waarschijnlijk ook hun tanden niet poetsen. 



Het is in diepste zin iets religieus
Het martelt zelfs, de regels doen vaak pijn
Maar lavend zijn de nectar en de wijn
Verslavend wel, desnoods intraveneus

Wie wil dan toch, met smart en goed fatsoen
Zijn leven aan de Poëzie verdoen?


Een nieuw dichtersbal - Dansen op spijkers - wordt 1 juni a.s. gehouden in VondelCS in Amsterdam. De titel is ontleend aan Gerrit Komrij en een muzikale bewerking door Louis Gauthier van door Komrij ingesproken gedichten. Zo blijft Komrij gelukkig een bron van inspiratie. Ook voor bovenstaand snelsonnet. Zie verder: www.dichtersbal.nl

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Verre landen

 
Groot, die kersenboom, en dik.
Wie erin klom? Ja hoor, ik!
Mijn armen stevig om de stam,
ik keek zo ver als ik nooit kwam.

Ik zag de buurtuin van heel hoog,
een bloemenpracht kreeg ik in ’t oog.
En nog meer moois kwam voor de dag
dat ik niet kende of ooit zag.

Ik zag de lucht weerspiegeld in
rivierenblauwe kronkeling;
het stoffig stuiven, heen en weer,
van wegen met hun druk verkeer.

Als ik een hogere klimboom vond
zag ik nog verder in het rond,
tot daar waar de rivier volgroeid
in heel de zee vol schepen vloeit.

Tot waar de weg aan elke kant
nog doorloopt tot in sprookjesland,
waar elk op tijd aan tafel gaat
en al je speelgoed met je praat.
 
 

Foreign Lands

Up into the cherry tree
Who should climb but little me?
I held the trunk with both my hands
And looked abroad on foreign lands.

I saw the next-door garden lie,

Adorned with flowers, before my eye,
And many pleasant places more
That I had never seen before.

I saw the dimpling river pass

And be the sky’s blue looking-glass;
The dusty roads go up and down
With people tramping in to town.

If I could find a higher tree

Farther and farther I should see,
To where the grown-up river slips
Into the sea among the ships,

To where the roads on either hand

Lead onward into fairy land,
Where all the children dine at five,
And all the playthings come alive.
 
Robert Louis Stevenson (1850-1894)
 
 

Koop koop koop