Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Met Forum, Vorm én Vent

Wat stripteasedanseressen, gratis dranken
Hij is nu absoluut te ver gegaan
Hij zat meer in de kroeg dan in de banken
Een groepje dames kijkt hem vragend aan 

En dan verdwijnt zijn hoofd onder het laken
Hij zet zijn lippen om hun lekkers heen
Hij denkt dat niemand hem nog iets kan maken
Zo slagen zij de eerste keer meteen 

Dat rottige gevoel blijft aan hem knagen
Zijn zwembroek zit nog vol met tropisch zand
Zo’n  viezigheid kan hij zelfs niet verdragen

Een slok tequila zet zijn keel in brand 
Mijn vader is verloren, dat staat vast
Qua aard sta ik met hem in groot contrast
Irish verse - I love to quote it
And when I forget who wrote it
I employ a clever scheme
Saying it's by Anne O'Neame

Papa die speelt al jarenlang trombone
Dat doet ie in een boerenblaaskapel

Oh, niets bijzonders hoor, zo'n doodgewone
Een simpele kapel, u kent dat wel
Op straat te zien, maar nooit op podia

Hij speelt geen Bach, geen Bruckner, geen Ravel
Geen rockmuziek, geen jazz of opera
Hij blaast gewoon zijn wonderschone tonen
Als trombonist, en enkel hoem papa

Van onze 'lievelingsprospect' alweer een retour. Meer over deze versvorm vind je hier.

Aardappelmoe

Zijn bintjes rotten in de regen
Daar kan de tuinder niets meer mee

De oogst is op één hand te wegen
De tuinder zit in de puree

Komkommertijd

Ook zijn komkommers rotten weg
Hij brengt zijn ploegschaar naar de lommerd
Gelukkig heeft hij nog een eg
En daarmee boert hij onbekommerd 

Voor Isis

Dat laat me nou blauwblauw, denk ik dan dom:
die echte ‘mannenmannen' die alom

bij wilde volken, zoals de Maumau
(erg duur, dus vaak samsam wat ik je brom)

en midlife dol geworden (Frans: gaga!)
drukdruk op jacht gaan. Steeds met veel aplomb.

Weg willen ze, hun kerker uit! Er is
geen vrouw (Lulu, Deedee) die snapt waarom

noch goena-goena, noch de slinkse beet
van de tseetsee (testes! wervelkolom!)

ze angst aanjaagt. Mij noemt men ‘nono' want
als niet-genegene roer ík mijn trom!

Geen Berber krijgt mij mee naar de woestijn,
een zelf geschoten struistrui vind ík stom!

Renderende Groot-Wild-jacht met dumdum?
‘Gedenk de dodo!' klinkt mijn boze grom.

Ziet u het voor u? Tenten? De bush-bush?
Gé van den Bovenkamp? Tuttut! Komkom!

(Gé van den Bovenkamp, uit De tweede ronde)

De eerste dag - mijn spieren zijn van staal
Ik wandel samen met een schone Praagse
We zingen met zijn tweeën welgemoed
Dit is toch wel het einde, zo'n Vierdaagse!

De tweede dag - een steen in mijn sandaal
Ik maak nu kennis met een mooie Haagse
En in mijn sok voel ik het eerste bloed
Dit is toch wel het einde, zo'n Vierdaagse!

De derde dag van mijn vervolgverhaal
Ik leun zwaar op een Beetsterzwaagse
En heb aan krachten ernstig ingeboet
Komt er dan nooit een eind aan die Vierdaagse?

De laatste dag wordt me helaas fataal
Mijn voeten gloeien als gebarbecued
Ik eindig mijn relaas en mijn Vierdaagse


Hoewel het prospectgedeelte van de site nog steeds niet werkt, komen er toch weleens fraaie teksten binnen van prospects.

Het volk kiest mij als antitriomfator
Een oorlogsveteraan leent mij zijn kruk
Een besje ondersteunt me zelfs een stuk
Ik haal de eindstreep achter haar rollator 

'Ach, jongens,' zeg ik 's avonds bij de tent
'Zo'n ommetje is peanuts voor een vent!'
*Geniet*, genaaid, of duurzaam ingebonden
Of velletjes A-vier zonder structuur

Het mag mij ook per e-mail toegezonden
Ik vind het goed, het hoeft voor mij niet duur
Ik maak geen onderscheid op dat gebied

Ik doel hier op genoeglijke lectuur
Het heet ‘light verse’, iets leukers ken ik niet
Ik heb dat op een mooie site gevonden;
‘het vrijevers’ , waar ik erg van *geniet*

En lees hier de regels van deze versvorm.
Mijn lijf is koortsig, mijn gedachten malen
Een stem befluistert mij met vals advies
Een breuk verlamt acuut mijn linkerlies
Ik strompel verder, wil het einde halen

De jongens wenken me vanaf de tap
En proosten spottend op mijn weddenschap
 
De start begint niet slecht, ik ben wat stijf
Maar ik verzwik een enkel niet veel later
Bij aankomst drink ik veel te veel koud water
De racekak spuit nog uren uit mijn lijf 

De jongens troosten mij, vol leedvermaak
En steken met mijn grootspraak flink de draak
Er komt een dag dat ik verdwijn
Naar ’s hemels paradijzen
Dat zal niet op een vrijdag zijn
Dan mag ik niet vrij reizen
Intro

Mijn spot klonk aan de tapkast onverholen
‘Vierdaagse lopen, jongens, stelt niks voor’
Riep ik, ‘verstand op nul en loop maar door
Op weg naar suffe roem en gladiolen!’


Ik moest het met de weddenschap bekopen
Dat ik de voettocht dit jaar uit zou lopen

Dag 1

 

Het weer is tropisch laf, het asfalt smelt
Eczeem en schimmels teisteren mijn voeten
Ik zal om mijn prestige verder moeten
Terwijl mijn plastic rugzak schroeit en knelt 

De jongens staan al bij de finish klaar
En roepen fijntjes: ‘Nog drie dagen maar!’
Toen Simon, nadat hij was overleden,
Raar hinkend voor Gods rechterstoel verscheen
Zei hij: “Ik mis helaas mijn rechterbeen,
Maar anders was ik voor U opgetreden.” 

Toen sprak de Heer: “U kunt meteen beginnen:
Dat been is goddank al een tijdje binnen!”


Een paar weken voordat Simon Vinkenoog overleed is zijn rechteronderbeen afgezet. Daarover schreef Driek van Wissen voor Het vrije vers het gedicht Hij ziet er geen been in. Driek van Wissen en Simon Vinkenoog waren beiden ooit Dichter des Vaderlands.
Je kwam met Edith en met Moeder Gras
Met Simon Vinkenoog verdween de rust
Het vuurwerk wanneer jij begon te praten

De atmosfeer werd dik van levenslust
Je strooide energie met je citaten
Het leek met jou erbij of alles kon 

Het was alsof er duizend dichters zaten
Met vrij advies voor wie pas net begon
Wanneer jij bij Festina lente was 

Jouw goede raad hielp velen naar de top
Ik stak en steek nog steeds veel van je op

Zaterdag heengegaan:
Brabbelaar Vinkenoog
Schreef volgens Komrij
Slechts één goed gedicht

 

‘O-derivaat’ luidt de
Tovenarijtitel
En de lectuur
Heeft mij geenszins verlicht

Ik ga vanavond maar een rookkring blazen
En mijn jeneverglas blijft ook niet droog
Ik hef het in de blauwe walm omhoog
En zal daarna eens stevig door gaan dazen
Als eerbetoon aan Simon Vinkenoog 

Als dichter niet een van die houten klazen
Vol zelfbeklag en mooie spanningsboog
Ik snapte wel geen bal van zijn betoog
Maar liet me altijd blij door hem verbazen
En rook een joint op Simon Vinkenoog 

Maar weinigen die ooit zijn werk herlazen
Het ging meer om de mens, de demagoog
Die met verruimde geest zijn verzen spoog
En woedend over liefde stond te razen
Vaarwel, vaarwel, o Simon Vinkenoog!

De blinde, hersenloze New-Agedwazen
Verloren hun partij-ideoloog
Maar zaterdag verschijnt een regenboog
Als regenwolken worden weggeblazen
Als eerbetoon aan Simon Vinkenoog 

Dan schuiven ze hem zachtjes in de oven
-Hoe tragisch is het sterven van een kind-
Daar wordt een flink pak hasjiesj bijgeschoven
Wij blijven achter, blowing in the wind

Zijn rechteronderbeen is afgezaagd,
Maar Vinkenoog blijft vrolijk gehumeurd
Alsof er hoegenaamd niets is gebeurd.
Vandaar dat ik mijzelf heb afgevraagd:

Hoever kan Simon worden ingekort
Voordat hij daarvan merkbaar anders wordt?


Ondanks het feit dat zijn rechteronderbeen is afgezet
blijft Simon Vinkenoog onverbeterlijk optimistisch

Hoewel we het normaal helemaal niet hebben op 'vrije dichters', maken we voor Simon Vinkenoog graag een uitzondering. Zoals je ongetwijfeld weet, is zijn rechterbeen onlangs geamputeerd. Op het hoofdkantoor lezen we dagelijks het laatste nieuws op zijn site. Het is voor zwaarmoedige light-versedichters bijzonder vreemd om te zien hoe ongeloofelijk positief hij met de amputatie omgaat. 

Vanochtend haalden we op het hoofdkantoor met een flinke zak Skunk en een mooie blok rode Libanon herinneringen aan Vinkenoog op. Zo herrinnerde een van onze redacteuren zich zijn gulheid toen er iets voor het goede doel georganiseerd werd. Een ander vertelde glimlachend dat hij door Vinkenoog ooit bij een wedstrijd de grootste dichter van de avond was genoemd. De overige redactieleden knikten instemmend, ook zij hadden dit weleens meegemaakt. 'En toen bij die Red de Paddo demonstratie, toen ging hij ook helemaal los,' juicht een aspirant-redactielid opgewonden. En wat te denken van die ene keer, toen... Inderdaad, het bleef nog lang een ongeloofelijk mooie dag.  

 



 

In de kopgroep reed hij virtueel
door de voorsprong in het geel.
Maar toen het gat daarna werd dichtgereden
behoorde snel zijn droom tot het verleden.

 

Fourth of July, how sweet it sounds,
As every year it rolls around.
It brings active joy to boy and man,
This glorious day throughout our land.

We hail this day with joy and pride,
And speak of our forefathers who died;
Who fought for liberty in days of yore,
And drove the British from our shore.

We, as descendants of that race,
Should not now our land disgrace.
Arise, freeman, arise once more,
Be earnest as in the days of yore.

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Kerstavond na het klimaatakkoord



De maan hangt als een kerstster in het zwerk
en stuurt de hele mensheid naar de kerk.
De wijze zit er, trots op zijn akkoord.
De herder zegt: “Ik houd je aan je woord.”

De maan schijnt als een ledlamp helder wit
en toont dus pijnlijk aan hoe of het zit:
ondanks de conferentie van de eeuw
is het te warm en dus ontbreekt de sneeuw.

De mensheid klaagt: “We doen heel erg ons best,
dus waarom wordt ons Kerstfeest zo verpest?”
De Aarde zegt: “Het was een mooi gebaar.
Nu aan de slag, dan sneeuwt het volgend jaar.”

Koop koop koop