Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Met Forum, Vorm én Vent



Er schuilt vandaag oud leven in de sloot
Alsof ze weer een hartslag heeft gekregen
En wind haar door behendig te bewegen
Voorzichtig heeft beademd uit de dood

Niet dat er golven tegen oevers slaan,
Het blijft slechts bij een rimpelig bestaan



Hij heeft geen puf. Zijn adem piept en fluit.
In schuifeltred komt hij maar net vooruit.
Hij sleept zich door de veel te lange dagen.

Je hebt geen hart als je geen actie neemt.

Wat maakt zijn leven minder lamgeslagen?
“Een ander hart”, beweert de therapeut,
“dat er niet is”. De noodklok wordt geluid.
De overheid komt om het jouwe vragen.

Je hebt geen hart als je geen actie neemt,

want het wordt door het ziekenhuis geclaimd.
Zo gaat je lichaam harteloos ter aarde.
Voor hem voelt het nog wel een beetje vreemd
dat hij weer rennen kan langs bos en beemd.
Jouw hart geeft aan zijn leven nieuwe waarde.


(Het jaarlijkse pi-sonnet van Niels wordt dit jaar te laat geplaatst, niet omdat hij de deadline niet haalde, maar Stephen Hawking wel)



Mensen zijn sterfelijk
Óók Stephen Hawking dus
Ondanks zijn ziekte
Een man van gewicht

Dankzij zijn grondige
Kosmologiekennis
Schijnt over nachtzwarte
Gaten nu licht



De grote Stephen Hawking had
Oog voor poëzie
Want zijn bestaan is rond en dát
Op de dag van π!



Leve de wetenschap!
Stof tot diep nadenken:
Dus iets onstoffelijks leeft
Zonder stem

Net als de huidige
Ruimte-en-tijdtoestand
Van Stephen Hawking
Dus: lang leve hem!



De Nederlandse dorpen lijken soms een grap:
bijvoorbeeld Zwarte Haan of Zwarte Ruiter, Buil,
of Raar, of Vuilendam, of Vuile Riete, Vuil-
pan, Monster, Belgenhoek, Lakei of Scheveklap.
Je komt in Nederland soms rare namen tegen,
o land van mest en mist, van vuile koude regen.

O saaie brij-moeras, o erf van overschoenen,
o Bartje, Ketelbinkie, Sjaalman, Frits van Egters,
o brug bij Bommel, oude rietenmattenvlechters,
o spruitjes. Nederland, jij bent mijn kampioen en
des avonds komt een ieder immer ongelegen,
o land van mest en mist, van vuile koude regen.

Het is hier waarlijk alle dagen altijd zo’n
geweldig toffe boel, vol met gezelligheid,
een land van koeien, varkens, Brahman zonder meid,
van kikkers, baggerlui, schoenlappers, moddergoôn.
Mijn lege hart, verloren zijn de prille wegen,
o land van mest en mist, van vuile koude regen.

Prins Bernhard hield van Neerlands trots: van frikandellen,
en ook de Candy liet hem flink zijn hart versnellen,
al wordt dit door de RVD geheel verzwegen,
o land van mest en mist, van vuile koude regen.



Van pipers en hun dracht sla ik op tilt
Al ken ik het waarom der rokken wel
Een ware Schot danst als het jaar verstilt
Op Auld lang syne - alleen gekleed in kilt -
Gebeierd door zijn eigen klokkenspel



We waren god, maar zaten zonder meid.
Dus lazen we begerig in één ruk
de avonturen van Jan Wolkers stuk
als medicijn tegen de eenzaamheid.

Ook Ik Jan Cremer werkte als een drug.
We raakten gaandeweg de onschuld kwijt
en voelden ons uiteindelijk bevrijd
op onze reis naar liefde en geluk.

Ten einde alle mores af te schaffen
ontstond de strijd tegen de constitutie,
de kerk en uiteraard de ouwelui.

Een kleine ritselende revolutie.
Eén ding: we bleven onverminderd paffen.
De provo’s dansten hoestend op het Spui.


* Het ontwaken in de jaren zestig.

Sonnet 12-5 uit de dit jaar nog te verschijnen sonnettenkransenkrans “De vaderlandse geschiedenis” onder redactie van Hilde van Beek en Bas Jongenelen.
(NB: de regels 1 en 14 waren voorgeschreven).



Ik kan geen zin van onzin onderscheiden
En word vaak aan het wankelen gebracht
Door nepnieuws dat alleen maar is bedacht
Om argeloze lezers te misleiden

Vertel me alsjeblieft dat het niet klopt
Dat Campert met het schrijven is gestopt



Ooit bonsde vol onstuitbaarheid
Dat meisjeshart van haar
Nu ziet zij echter tot haar spijt
Een slappe zemelaar



Ooit bonsde vol onstuitbaarheid
Zijn jongenshart voor haar
Nu ziet hij echter tot zijn spijt
Een forse zoutpilaar



Natuur is niet gebaat bij dierenvrienden
Maar ach: wat is natuur nog in dit land?
Dat polderplasgedoe loopt uit de hand
Door actiedruk van minder helderzienden

Ons land blijkt ongeschikt voor wilde beesten
Al lopen er daarbuiten nog de meesten



Moet u weer afvallen?
Kies dan de ruitersport
Lekker bewegen
Langs beemd en langs sloot

Liefst op zo’n opgevoerd
Oostvaarderplassenpaard
Wie er ook afvalt
Ik wed: één valt dood



Leuk en ontroerend soms!
Nieuwe verzameling
Prachtige liedteksten
Zie ook de link

Daarmee bestel je die
IvodeWijsbundel
Durf dus te klikken mens:
Kom, wees eens flink!


www.ivodewijs.nl



Ik las dat echte liefde dikker maakt
Het rozenpad loopt via XXL
Met liefde door de maag en minnespel
Waarvan de echtelijke sponde kraakt

Dus lijken echtelieden u te zwaar
Dan ziet u een enorm gelukkig paar.



Oei, oma’s tere lijfje is gebroken
En zal als een geknakte bloem vergaan
Oei, oma’s tere lijfje is gebroken
Ze was gevallen toen ze pap ging koken
En ach, het was gelijk met haar gedaan
Die oude botjes laten zich wel kroken
Ik heb zojuist de dokter aangesproken
Geen dienst, zei hij en liep door, langs de paên
Ik kon de kinkel wel naar binnen slaan
Maar ik heb haar gelukkig niet gewroken
Een auto trof die arrogante haan
De hoogmoed was niet tijdig weggedoken
En zal als een geknakte bloem vergaan



(Bout rimé op “Uchtend” van Niels Blomberg)



In dactyli rijmen
Het blijft ons verrukken
En ook is de jambe
Verduveld sacraal!

Dit dubbele dinges
-Traditiedoorbrekend-
Is geinig, maar of ik
Er roem mee behaal?



God gaf ook jou een ziel!
Ban de bekrompenheid
Wees wie je wezen wil
Kom uit de kast

Meld je dus aan voor de
Embryofielendag
Maak aan je kleding
Een navelstreng vast!



Ik ween om bloemen in de knop gebroken
en voor de uchtend van hun bloei vergaan.
Ik ween om bloemen in de knop gebroken,
daarnaast doet woede mij inwendig koken;
welk onderkruipsel heeft zoiets gedaan?
Zo’n teed’re knop laat zich eenvoudig kroken.
Daarnet heb ik mijn opzichter gesproken.
Die zag de dorpsjeugd vlieden langs de paên.
Ze leken voor hem op de vlucht te slaan.
Deez’ wandaad dient onmiddellijk gewroken.
Reeds span ik van mijn jachtgeweer de haan.
De vlegels zijn niet tijdig weggedoken
en voor de uchtend van hun bloei vergaan.



’s Nachts groeit het ijs een dikke centimeter
Het land wordt met het schaatsvirus besmet
En ijzers glunderen, ontdaan van vet
De kans op ‘it giet oan’ wordt heel veel beter!

En dan, gewoonlijk een paar dagen later
Gaan sloten fieltig grijnzen: ijs wordt water

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Nomen est omen



Archeologen hebben de toegangspoort en fortificaties van de Filistijnse stad Gath gevonden, beroemd wegens de inwoner Goliath. Bijbelkenners weten dat de stad om nog een andere reden faam geniet. De versvorm hieronder, de dubbele moraal bestaat uit twee strofen met het rijmschema abaaab, waarin met dezelfde rijmwoorden een tegengesteld standpunt wordt verkondigd:


God is Liefdevol

Gods Liefde is het die ons laat gedijen
Doet daarvan niet de ganse schepping kond?
De leeuwerik, het zoemend lied der bijen
Doet ieder kind oprecht van vreugde schreien
En huppelen in opgewekte rijen
Vanaf de allervroegste morgenstond

Ps. 103:8: 'Liefdevol en genadig is de HEER, hij blijft geduldig en groot is zijn trouw.'

God is wraakzuchtig

God laat zijn tegenstanders niet gedijen
Het volk van Gath zat Hij achter hun kont
Veroorzaakt door heel akelige beien
Klonk luid geweeklaag en een bitter schreien
Je zag ze tegen scherpe stenen rijen
En zitten was iets dat hen tegenstond

1 Sam. 5:12: 'God pakte de inwoners hard aan. Wie niet stierf, werd geplaagd door aambeien; het gekerm van de stad steeg op naar de hemel.'

 




Koop koop koop