Het vrije vers

Bevrijd van vormloosheid

Omdat light verse lééft


Doubletstraat, Den Haag


’t Was een gewone personeelsaanvraag;
Iemand die wist hoe Haagse hazen liepen
Betrouwbaar en bereid zich te verdiepen
in alle labyrinten van Den Haag

We kregen een belangenspecialist
met een behoorlijke conduitestaat
ex-burgemeester/oud-gedeputeerde

Die als capabel landbouwlobbyist.
met veel plezier en doktersresultaat
in de Doubletstraat dames uitprobeerde

Op het verwijt dat niemand van hem wist,
schreef hij: “ik werk me uit de Haagse naad”
toen hij zijn werkzaamheden declareerde.

Wij vragen nu dus ander personeel.

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Shakespeare Sonnet 130



De zon schijnt heel wat feller dan haar ogen.
Ze heeft , vrees ik, haar lippen nooit gestift.
Mijn blik wordt naar haar borsten niet gezogen.
Ik raak ook van haar haren niet op drift.

Ik heb haar wangen zelden mooi zien blozen,
Haar nooit gezegd dat zij zo lekker ruikt.
Haar lichaamsgeur is niet bepaald als rozen.
Ik denk dat zij parfum niet eens gebruikt.

Wanneer ze praat, dat lijkt nog niet op zingen,
Vooral niet op mijn lievelingsmuziek.
En als zij loopt, krijg ik geen tintelingen.
Haar gang is boers, niet goddelijk of sjiek.

Maar toch, ze vindt in niemand haar gelijke
Als ik, verliefd, mijn lief zit aan te kijken.

Koop koop koop