Zeg, vroeg het schaap Veronica, zou ik mijn vacht bederven
Wanneer ik in een winkel waar men nu dat spul verkoopt
Een bus oranje verf koop om mezelf daarmee te verven?
En word ik dan een kuddedier dat in de massa loopt?

De dames Groen verzuchtten: Och wat stelt u rare vragen!
Waarom toch zou u zoiets doen? U heeft zo’n mooie vacht!
U zou uzelf, zo menen wij, als schaap enorm verlagen
En dat is iets wat wij van u echt nooit hadden verwacht.

Maar beste dames, sprak het schaap, u wilt toch niet beweren
Dat u niet snapt waarom ik nu die vragen aan u stel.
Inmiddels hult half Nederland zich in oranje kleren.
Ik vraag het aan de dominee, die snapt mij zeker wel.

De dominee kwam desgevraagd Veronica bezoeken.
Hij bracht een grote toeter en oranje slingers mee.
Die hing hij in haar kamer met punaises in de hoeken.
En zei: het verven van uw vacht vind ik een puik idee.

Op zoveel enthousiasme had het schaap niet echt gerekend.
Ze werd er in haar schapenhart wat zenuwachtig van.
U bibbert, sprak de dominee, ik vrees dat zulks betekent
Dat u bij nader inzien toch weer afziet van uw plan.

Da’s spijtig voor Oranje, want als u het niet wilt doen
Dan worden onze jongens vast geen wereldkampioen.

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

We waren er bij

 

Het sneeuwde, er viel hagel, koude regen
En tussendoor scheen af en toe de zon
De weergod kende nauwelijks pardon
Voor renners fietsend over Waalse wegen

Ze klommen, daalden, hadden vaak wind tegen
Dus steeds vermoeider werd het peloton
Al koersend richting Luik, het eindstation
Waar 'onze' Woutje sprintte naar de zege

We stonden met een groep op de Redoute
En zagen in de hagel hem passeren
Hij reed alert, we zeiden: "Wout is goed"

Maar dat hij echt in Luik zou triomferen
Had niemand van ons negental vermoed
En bracht ons stuk voor stuk in hoger sferen