Het vrije vers

Bevrijd van vormloosheid

Omdat light verse lééft

Hij kon het allemaal verdragen:
Een boon die aan een staak verdort,
Een bloem die sterft, verleden wordt
Daarover wilde hij niet klagen.

Wanneer zijn ogen zoiets zagen
Heeft hij daarom geen traan gestort.
Hij wist: elk leven duurt maar kort
En telt nu eenmaal weinig dagen.

Maar jonge sla, pas net geplant
In bedjes die nog vochtig waren
Nee, dan heeft hij zich niet vermand.

Hem er in tranen naar zien staren
Dat lijkt wellicht wat larmoyant.
Toch raakt dit beeld, al vele jaren.

(De dichter hoorde pas nu, bij terugkeer van zijn vakantie, van het overlijden )



 

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Prins Hendrik (1876-1934)

Mohammed was wellicht een pedofiel
Maar Hendrik kon er anders ook wat van
Mohammed wist nog téder te beminnen

Maar Hendrik trok geheel zijn eigen plan
Verzette hij zijn koninklijke zinnen
Dan ging hij als een jaknikker tekeer

Hij kwam gewoonlijk zonder kloppen binnen
En daardoor klopte vaak zijn jongeheer
Waardoor zijn vrouw maar matigjes beviel 

En was hij weer een keertje afgedropen
Dan kon Van ‘t Sant de boel weer af gaan kopen 

 



 De gemaal van de haaibaai Wilhelmina had het niet gemakkelijk met haar en zocht zijn vertier dan ook meestal buitenshuis.Zijn beschermheerschap van de Padvinderij werd hem ontnomen, wat sneu voor hem was, want hij werd kort gehouden en een heitje voor een karweitje was een buitenkansje voor hem. Hij was niet eenkennig, want behalve van jongetjes hield hij ook erg veel van vrouwen, waarvan hij er verschillende bevruchtte. Wilhelmina had een speciale adjudant in dienst, de politiecommissaris Van ‘t Sant, die de dames af moest kopen en schandalen moest voorkomen. De syfillis die Zijne Hoogheid bij dit alles opliep was ook niet bevorderlijk voor zijn eigenlijke taak: het bevruchten van de moeder van de kolonie.
Het is een wonder dat Juliana geboren is, maar het is geen wonder dat dat ze zich gedroeg zoals ze zich gedroeg. Kwikbehandelingen zijn slecht voor de vrucht.

(Uit De Canon van Nederland)