Een stem zegt dat ik plaats mag nemen
Ik weet alleen niet goed waarin
Dus heb ik nog maar weinig zin
Voorzie in feite veel problemen

Ik ga die plaats beslist niet claimen
Een kaartje koop ik evenmin
Ik blijf het liefst bij mijn vriendin
En schrijf voor haar nog wat poëmen

Maar hoe moet ik die stem negeren
En leg ik hem het zwijgen op?
Ik wil hem liever niet bruuskeren

Want anders roept hij keihard: Stop!
En als hij zo gaat commanderen
Dan kost mij dat beslist de kop 

Dit gedicht won de 9e prijs in de 21e Willem Wilmink Wedstrijd, waar de opdrachtregel luidde:'Een stem zegt dat ik plaats mag nemen. 

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

de passanten



we kuierden vanochtend op het zandpad

en volgden de rustgevende rivier

die stroomt langs het vakantiepark alhier

we groetten een mevrouw die aan de kant zat

 

onthaastende gezinnen uit de Randstad

verpoosden achter haagjes van laurier

een stelletje dronk thee op een plankier  

een plekje dat vrij uitzicht op het land had

 

in bungalows werd slaperig ontbeten

een heerschap zat in badjas op een kruk

qua schouwspel hadden gasten niets te klagen

 

wij werden als passanten snel vergeten

maar koesterden ons stiekeme geluk:

wij woonden in dit uitzicht, alle dagen