De dagen werden tergend langzaam maanden, 
                de maanden regen zich aaneen tot jaar;  
                ik loop weer langs het stille pad langswaar 
                wij beiden samen ooit getweeën gaande, 

                onszelf veroordeeld hadden tot elkaar 
                en ons een korte wijle tweezaam waanden, 
                elkanders allerdichtste nabestaanden; 
                maar ook ons liefdesbed verwerd tot baar. 

                Wat valt voor troost aan leven te ontlenen 
                wanneer elk herfstblad wegdrijft in de goot, 
                wat komt reeds bij de aanvang is verdwenen 

                en het verlangen naar de liefde metterdood 
                steeds door één waarheid wordt beschenen; 
                de eerste kus waarmee je mij verstoot?


 

Vandaag is het de sterfdag van de dichter J.C. Bloem, dus een mooi gedicht in zijn stijl leek me wel gepast, al zal de oplettende lezer zien dat het een bout-rimé is met rijmwoorden uit een sonnet van Jean Pierre Rawie.

 

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Stilleven met haas en gevogelte Jan Fijt 1645

 

Alsof de kunst genadeloosheid heiligt!
Donszachte dieren liggen hier als pier.
Ik wil en kan niet naar die lijken kijken.
Om zeep geholpen enkel om te pronken;
Fijt maalde blijkbaar niet om dierlijk leed.
Bewijsstuk is het van een massamoord
met voorbedachte rade, maar verjaard –