Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Met Forum, Vorm én Vent



De Hunnen stonden weer eens voor de wallen
Wij stelden ons dus als vanouds teweer 
Je zag ze vuil en smerig samenballen 
Ze gingen ruw en onbeschaafd tekeer
We keken op de Hunnenhuigen neer 
Het was een onophoudelijk getier 
Met veel gespot en duidelijk gesneer 
Maar goed - zij waren daar; wij waren hier


De poort was dicht, het valwerk was gevallen
Het wachtwoord (‘Dikke lul’) niet geldig meer
En al die ongewassen duizendtallen
Geleid door een zeer ongelikte beer
Die stonden daar dus op hun veld van eer
Massaal voor aap, het deed ons eerst geen zier
Al zwaaiden ze ook brullend met hun speer
Want ach – zij waren daar; wij waren hier


Toch werd het onplezierig voor ons allen
De voedselvoorraad leed aan wanbeheer
We aten eerst de paarden in de stallen
En deelden toen de laatste rotte peer
De conversatie werd bedrukt gelamenteer
De dorst verlamde onze speekselklier
Geen hulp in zicht, per trein of met het veer
Want tja – zij waren daar; wij waren hier

O lezer! Dat ik weer communiceer
Met in mijn hand het Vrije Versbanier 
Bewijst wel onze moed in deze sfeer 
De Hun trok af naar dáár, wij zijn nog hier!

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Verzinnen

Er liggen veertien regels op de loer.
Ik weet nog niet of zij een valstrik spannen,
misschien mij naar verlegenheid verbannen
om een gedicht dat slechts een woordensnoer

is, zonder inhoud of belang; droog voer,
terwijl in fijner schotels, ranker kannen
de poëzie verlokt tot proeven van een
geraffineerder maal (zoals de Cour

du Nord serveert, zegt Michelin). Ach wat...
wie weet gaat het wel andersom, zodat
de verzen niet proberen míj te vangen

maar dat ik hén verleid. Kom dichterbij,...
kom, luister naar mijn sprakeloos verlangen,
verzin een lied, ver-zin wat leeft in mij.

Koop koop koop