Het vrije vers

Bevrijd van vormloosheid

Omdat light verse lééft



Ging er een dichter heen?
Of slechts een sterveling
Die ons voorafging
Naar waar wij ooit gaan?

Zo hij iets was, dan een
Radiokootwijker
Ach, enkel steen
Krijgt een tweede bestaan



In een gesprek met Drs. P zei de laatste dat het ollekebolleke voor elke gelegenheid geschikt was, waarop Cees tegenwierp dat het hem voor uitvaarten toch niet de geeigende versvorm leek. Nu hij me toch niet meer tegenspreken kan: bij deze Cees.
En voor wie sputtert dat 'volgens de nieuwe spellingregels' het zeslgrwrd niet kan: het dak op met die nieuwe regel, ik hou me aan wat ik van juffrouw Banga geleerd heb op de School met de Bijbel.

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

En nu naar bad (Eindelijk voltooid)



Mijn bladerloze schaduw mijdt het water
En speurt de witte angst van eeuwen later

Ik wend mij af en doof mijn vale lichten
Ik heb een rein geweten zonder plichten

Mijn weemoed maakt de koele vlinder wakker
Van mij, getooide zelf, een dorre akker

Ik zie mijn grijze droefheid aan de kim
Die daar zo heilloos zit, o naakte schim

Aan wie'k mijn zachte treurnis zeg, in stromen
Als dauw die druppelt van de trage bomen

Zo druppelt in dit hart tezeer gehavend
Een droeve snik die glinstert in de avond

O, zie, hoe klaar en koel mijn schamelheid
In 't land van regen tot een bad bereid


Voor wie nu wezenloos voor zich uitstaart, klik hier voor een volledig begrip.