Het vrije vers

Bevrijd van vormloosheid

Omdat light verse lééft



‘Godsammeliefhebbe’!
Hemorrhoïdenpijn’
Kreunde een hoen
En keek treurig omlaag

‘En naar zo’n afwijkend
Dodecaëder-ei
Is bij de boer
ook geen enkele vraag'

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Koude basten



Het land doorweekt, de luchten grijs
en menig mens terneergeslagen.
Seizoen van storm en zilte vlagen
van brakke dijken, meeuwgekrijs.

De holle zee, verstoven duinen.
Berooide grond aan lager wal
waar bomen kreunen in verval,
met koude basten, kale kruinen.

Toch hoor je naast de straffe wind
nog vrij van droeve najaarsblues
de klare lach van ‘t blije kind.

En op de beemd -in winterslaap-
verheft zich tussen herfstgebroes
het boud geblaat, van ’t Tessels schaap.