Kijk mijn streven is het leven
vorm te geven met een stip
geen verspilling, dat is killing
voor de toekomst en mijn knip

afval scheiden, uien snijden
vet vermijden, winterpeen
zuinig stoken, niet meer roken
nee, je kunt er niet omheen

zie de vele zonpanelen
als juwelen op mijn dak
voor de meter zoveel beter
en een voórdeel dat ik pak

meer gaan lopen, minder kopen
naar de Tropen is taboe
weg die spullen en die prullen
uitstoot moet omlaag en hoe

wees bescheiden, deze tijden
lijden aan een Dikke Ik
zo, dat staat er, denk aan later
eeuwig gaat voor ogenblik.


Een gelukkig 2018 voor iedereen!
Dit versje Eeuwig vormt met Ogenblik een tweeluik, een duovers dus, waarbij eeuwig voor ogenblik komt.

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

De Vlabber & de Vlaar


 
Elke ochtend na het opstaan
staan de Vlabber en de Vlaar
met z’n tweeën voor de spiegel
en ze vragen aan elkaar:
‘Wie van ons was nou de Vlabber?’
 
Tja, daar staan ze dan te dubben
met hun harken in hun haar.
‘Heel de nacht alles onthouden
krijg ik echt niet voor elkaar!’
roept de Vlaar dan (of de Vlabber?).
 
En de ander antwoordt kriegel:
‘Even denken... Rustig maar!
Kijk, mijn kop lijkt op een zwabber
en mijn lijf lijkt op een schaar.
Dus dan ben ik vast de Vlabber.’
 
Elke avond voor ’t naar bed gaan
staart de Vlaar weer met de Vlabber
in diezelfde grote spiegel
en ze vragen aan elkaar:
‘Wie was ook al weer de Vlaar?’
 
Heel de dag alles onthouden
is voor hen een groot bezwaar
dus daar staan ze weer te dubben.
‘Jouw geheugen is belabberd!’
roept de Vlabber (of de Vlaar?).
 
En dan zegt de ander maar:
‘Kijk, mijn kop lijkt op een vlieger
en mijn lijf op een gitaar.
Volgens mij ben ik de Vlaar,
dan ben jij vanzelf de Vlabber.’
 
Tja, dan gaan ze maar weer slapen
en dan staan ze maar weer op
en ze koken hun rabarber
en ze roken hun sigaar
en dan zijn ze ’t wéér vergeten.
 
‘Maar dat kan ons mooi niks schelen’,
giechelt de verstrooide Vlabber
– of, wie weet, de suffe Vlaar?
 
(Uit Er zit een feest in mij, Querido’s Poëziespektakel 5, 2012)