Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Met Forum, Vorm én Vent



POE, riep het schaap Veronica, wat kan dit paard hard draven!
Ik dacht: zo’n huifkar die gaat vast van sjokke-sjokke-sjok…
Maar kijk, dit is al Zwammerdam en daar ligt Bodegraven.
Kom dominee, geef mij de zweep! Nu mag ik op de bok.

Kijk uit, riepen de dames Groen, daar komen scherpe bochten!
O jee o jee o jee o jee, wij zijn een beetje ziek…
Wij dames zijn te fijn gebouwd voor zulke woeste tochten.
De dominee zei stoer: Maak u geen zorgen, geen paniek!

Ík ben toch zeker in de buurt, om over u te waken.
Bescherm ik u niet immer tegen onraad en gevaar?
Toen schrok het paard van eenden die de rijbaan overstaken,
een KNERP! een KRAK! een BONK! en alles schudde door elkaar.

Ze vlogen uit de huifkar en ze landden in de struiken.
Opeens hoorden ze achter zich gejammer en gezucht.
Kijk nou! riep ’t schaap Veronica. Het is mijn tante Truike,
ze ligt ondersteboven, met haar voeten in de lucht!

Komaan, zo sprak de dominee, de handen uit de mouwen!
Mijn lieve dames Groen, geeft u me eens uw lange sjaal…
Die sla ik om haar heen. Als we nu even heel hard douwen
en dan in één keer kei- en keihard trekken allemaal –

Het werkte. Tante Truike zei: Wat fijn u te ontmoeten!
Want als ik omval, kom ik uit mezelf niet overend…
Ik zie nog alles draaien, maar ik sta weer op mijn voeten.
Bedankt voor ’t redden, dominee, u bent een echte vent!

Dag tante, zei Veronica, nu gaan we weer naar huis.
Of… wentelteefjes eten bij hotel De Oude Sluis?

(Eerder verschenen in Vijf draken verslagen, Querido’s Poëziespektakel 4.)

 

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Te biecht bij opa

Zijn vader speelde orgel met veel wijding
in Ouderkerk, Abcoude, Duivendrecht.
Zoon trapte lucht en speelde ook niet slecht.
Het kerkbestuur kwam met een blijde tijding:

men financierde zoons muziekopleiding.
Klompvoets naar Mokum lopen was met recht
een tour de force voor de boerenknecht,
maar opa slaagde er met onderscheiding.

Ooit nam hij ‘n vrouw de biecht af. De schavuit
vermomde zich heel slim in een kazuifel
en heeft veel over haar amants geleerd.

Van ’t lachen rolde hij de biechtstoel uit.
De vrouw begon te gillen: “Help! Een duivel!”
Mijn opa werd geëxcommuniceerd.


Koop koop koop