Het vrije vers

Bevrijd van vormloosheid

Omdat light verse lééft


 


Heb jij thuis een Boterhamster
die verkruimelt van chagrijn?
 
Hangt hij alsmaar languissant
en met ingevallen wangen
in zijn broodmandje te hangen?
 
Klaagt hij over zielepijn
en een bitterzoet verlangen?
En kun jij daar niet meer tegen?
 
Stuur hem even uit logeren
in Auberge De Twee Beren,
aan de kust bij Knasperzand.
 
(Moet je daarna constateren
dat hij blijft jeremiëren,
is nu echt het huis te klein?
 
Dan valt nog te overwegen:
vang & tem een Marmelant.)

 

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

April


De witte Sneeuwklok aan het eind van haar Latijn
Is zichtbaar drachtig van met zaad gevulde koppen
De Blauweregen zwaar van honderdduizend knoppen
Ontluikt haar ogen in een waas van blauw satijn

De Rododendron staat op barsten van het paars
En de Hortensia bebladert teer haar stokken
De Schoenlapplant ontdoet zich van haar wintersokken
En steekt haar voeten in een purp’ren voorjaarslaars

Dan krimpt de wind en ieder grijpt weer naar zijn wanten
De kou slaat toe en nachtvorst rijpt op plant en struik
De thermometer maakt een diepe steile duik
En hagelstenen springen op naar alle kanten

Maar wees gerust, zo’n koustuip is van korte duur:
De zon haar noorder declinatie groeit per uur